blog

Column: ‘Een grote zak geld maakt lui’

Publicatie

15 apr 2013

Auteur

Evi Husson

Categorie

Petrochem

Soort

blog

Tags

‘We zijn geen auto gaan rijden, omdat de paarden op waren.’ Dat stelt Jan Vos, lid van de Tweede Kamer (PvdA) in Shell Venster. Hij heeft het daarin over zijn visie op energie. Het belangrijkste wat hij wil bereiken in het huidige kabinet is een omslag van niet-duurzame naar duurzame energie. Daarbij is emissiehandel volgens hem een belangrijk instrument, en schaliegas kan eveneens voordelen bieden, zo meent hij. Toch ziet Vos schaliegas veeleer als een tussenoplossing waarover hij niet enthousiast is. Hij wil schaliegas bij voorkeur overslaan en meteen overschakelen op duurzame energie. En niet omdat er minder olie voorhanden is of op zal raken – ‘We zijn geen auto gaan rijden, omdat de paarden op waren’ – maar om de impact op natuur en milieu te verlagen.

Bij de volgende verkiezingen moet Nederland ruwweg op tien procent duurzame energie zitten, stelt het Tweede Kamer-lid. ‘Het is het enige beleidsterrein waar meer geld wordt uitgegeven. Via de subsidieregeling SDE+ gaat de komende vier jaar 3,8 miljard euro naar duurzame energiebronnen.’

Ik vraag me af of dergelijke subsidieregelingen de vruchten zullen afwerpen die men ermee wil bereiken. De subsidieregeling Stimulering Duurzame Energieproductie stimuleert volgens de overheid de productie van duurzame energie die relatief goedkoop is op te wekken. Een ondernemer die energie produceert, en daarbij het milieu niet of nauwelijks belast, kan voor de subsidie in aanmerking komen. Het doel van de SDE+-regeling is dan ook om zo veel mogelijk duurzame energie op te wekken per euro, door de goedkoopste vormen te subsidiëren. Maar wordt dit subsidiegeld dan op de juiste manier gespendeerd? Wie de subsidieregels en papierberg goed heeft bestudeerd, zal het wellicht sneller voor elkaar krijgen om subsidie te ontvangen dan wie zich meer richt op innovatie en technologie. En komt door subsidie nieuwe, duurzame technologie echt van de grond? Meer dan eens komt in discussies ter sprake dat je juist innovatief wordt als er weinig geld voor handen is.

Innovatie alleen is uiteraard niet voldoende. Er moet ook een omgeving worden gecreëerd om nieuwe, duurzame technologieën die al verder zijn ontwikkeld, effectief te kunnen toepassen. Een grote zak geld of subsidie zou kunnen helpen, maar tegelijkertijd wordt geroepen dat geld een vertragende factor kan zijn. ‘Een grote zak geld maakt lui’. Daarom is het naar mijn idee noodzakelijk om juist urgentie te creëren om vooruitgang te kunnen boeken. De overheid zou hierin een rol kunnen en moeten spelen door goed en consistent beleid.

Daarnaast is er bij innovatie de noodzaak voor het doorbreken van denkpatronen. Er moet worden afgestapt van traditionele denkpatronen, en naar nieuwe businessmodellen worden gezocht. Dit kan bijvoorbeeld door disciplines te combineren. Op die manier worden nieuwe duurzame inzichten en baanbrekende technologieën vermoedelijk sneller op grote schaal gecommercialiseerd. Tijdens Deltavisie (6 juni, Rotterdam) met als thema Innoveren, combineren en communiceren wordt samen met beslissers uit de industrie, politiek en wetenschap onderzocht hoe de industrie in de Rijn/Schelde-delta daarin stappen kan zetten, juist door te combineren en te communiceren. Ook bovengenoemde Jan Vos zal tijdens het congres in een column zijn visie geven op de rol van de industrie en hoe hij de roep om goedkope energie, grondstoffen en willicht ook schaliegas plaatst ten opzichte van de zo gewilde verduurzaming. Alleen een grote zak geld, is in elk geval niet voldoende. Genoeg stof voor een discussie, lijkt me.

#evihusson

Petrochem 12, 2019

3 december 2019

Wellicht vindt u deze artikelen ook interessant

Schrijft u in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.