blog

Column: Waterstofrealisme

Publicatie

19 nov 2021

Auteur

Wim Raaijen

Categorie

Petrochem

Soort

blog

Tags

energietransitie, waterstof

Er lijkt een omgekeerd evenredige relatie te bestaan tussen de aandacht voor kansen voor waterstof per toepassingsgebied en de aandacht die het gas krijgt. Het gas heeft in de industrie al decennialang een haast ongezien bestaan. Producenten als Air Liquide, Air Products en Linde produceren en distribueren al jarenlang waterstof in de industrie. Een markt die alleen maar groeit.

In de procesindustrie is op dit moment veel vraag naar waterstof, bijvoorbeeld voor de ontzwaveling van brandstoffen en de productie van kunstmest. Ook voor nieuwe ontwikkelingen is straks waterstof nodig. Denk aan de chemische recycling van afvalplastics. Hydrogeneren lijkt de aangewezen route om bijvoorbeeld chloor en fosfor uit de stromen te halen.

Maar nu waterstof een potentiële energiedrager is, neemt de aandacht enorm toe. Om het grote publiek voor waterstof te winnen, wordt het in campagnes en documentaires vooral aaibaar gemaakt. En wat brengt het dichter bij de burger dan het te framen als schone brandstof. Rijden en koken op waterstof, daar kunnen de meeste mensen zich wat bij voorstellen. Het zijn toepassingen die echter het langst op zich laten wachten.

Gelukkig is er bij het aanleggen van een basisinfrastructuur voor waterstof voldoende realisme op dit vlak. De volle dochter van Gasunie, Hynetwork Services, die hier verantwoordelijk voor is, begint bij het logische begin. In het hoofdinterview legt de verantwoordelijke programmamanager Eddie Lycklama à Nijeholt dat helder uit. ‘Eerst onderzoeken we binnen grote industriële clusters zelf hoe we vraag en aanbod van waterstof aan elkaar kunnen koppelen. Als de een te veel heeft, dan brengen we dat bij een ander die juist waterstof kan gebruiken.’ Verschillende clusters werken al aan een regionale infrastructuur.

Tricky

De volgende stap is om dat ook landelijk te gaan doen. De aanleg van de zogenoemde backbone, de ruggengraat van het toekomstige waterstofnet. Lycklama à Nijeholt: ‘Dat betekent dat we ons gaan richten op het verbinden van de vijf grote indus­triële clusters.’ Daarbij gaat het om de Rijnmond, de IJmond, het gebied van North Sea Port (Zeeland en Gent), de Eemsdelta en Chemelot.

First things first. Daarna zijn transport en de bebouwde omgeving nog steeds niet aan de beurt. Bij het verbinden van de vijf clusters komt ook wat Lycklama à Nijeholt het zesde cluster noemt in beeld. ‘Dat zijn alle industrieën samen die niet in één van de vijf clusters liggen. Liggen de fabrieken toevallig op de route van de backbone, dan is een aansluiting relatief eenvoudig te realiseren. Het meest tricky is de afstand tot het hoofdnetwerk.’

Handen vol

Daarna komt transport mogelijk om de hoek kijken, en dan vooral zwaar transport. In personenverkeer heeft de batterijenauto al een aardige voorsprong opgebouwd. Dat ligt misschien anders bij zwaar vrachttransport over de weg, via het water en de lucht. Batterijen nemen veel gewicht en ruimte in, wat ten koste gaat van de lading. Het zal nog wel een tijdje duren voordat vrachtauto’s, boten en vliegtuigen massaal op waterstof lopen.

Dan de bebouwde omgeving. Of dat überhaupt nog een serieuze stap wordt, is maar zeer de vraag. Aardgas is sowieso niet op korte en middellange termijn weg te denken. Als vervanging, met name in nieuwe woonwijken, wordt stevig ingezet op elektrificatie, warmtepompen en ook biogas. In oudere woonwijken lijkt betere isolatie vooralsnog het meeste op te leveren.

Lycklama à Nijeholt geeft ook nog de optie van het bijmengen van waterstof in het huidige aardgasnet. Maar is dat echt een interessante oplossing? De aardgasprijs ligt zelfs nu nog te laag om dat enigszins rendabel te maken. En is het energetisch wel zo slim? Om toch nog maar een keer met Diederik Samsom te spreken: ‘Je kunt er rakketten mee naar de maan sturen en temperaturen boven de duizend graden Celsius mee bereiken. Waarom dan daarmee een kamer op twintig graden brengen?’ Nee, laten we ons maar eerst op het laaghangende fruit in de industrie richten. Daar hebben we voorlopig onze handen vol aan. En dan zien we daarna wel verder, voorbij 2035.

 

Reageren? wim@industrielinqs.nl

Fotocredit: Wim Raaijen
Bron: Petrochem 8-2021

Petrochem 8, 2021

30 november 2021

nieuws

Argent Energy bouwt nieuwe kades en steiger

AGENDA