blog

Column: Greenpeace of Greenwar?

Publicatie

23 jan 2012

Auteur

Jan Van Doorslaer

Categorie

Petrochem

Soort

blog

Tags

Toen ik eind jaren zestig, begin jaren zeventig studeerde aan de Gentse Universiteit liep ik vaak in demonstraties en achter slogans. Make peace, not war was er zo eentje tegen de oorlog in Vietnam. Ik beklaag het me niet, want het scherpt de geest en het reactievermogen voor later.

Ik moet er terug aan denken als ik het hele mediacircus volg rond het zogenaamde gifschip Probo Koala. Heel kort samengevat: de Probo Koala wil raffinage-residu’s laten verwerken in Amsterdam, haalt de afvalnormen niet en wordt wandelen gestuurd. Het schip wordt naar Ivoorkust gestuurd waar het afval wordt gelost, maar ook her en der op vuilnisbelten gestort in plaats van verwerkt. Greenpeace stort zich op de zaak en gewaagt al snel van doden en duizenden gewonden, door het gif. Nader onderzoek brengt aan het licht dat er weliswaar giftige stoffen in de residu’s zaten, maar dat die niet van aard noch van een hoeveelheid waren om doden en gewonden te doen vallen. Geheel terzijde; in de Vlaamse pers vind je nauwelijks een gedrukte letter over deze zaak.

Moet ik over de discussie die in Nederland nog volop woedt naar aanleiding van het boek Verslag van een journalistiek schandaal van filosoof Jappe Vink nog iets zeggen? Moet ik me mengen in een echt Nederlands dossier? Ja, omdat de discussie uiteindelijk niet meer gaat over de Probo Koala, maar over de geloofwaardigheid en het optreden van Greenpeace en een aantal journalisten en kranten en dat is maatschappelijk wel een belangrijk thema.

Heb ik als oud-woordvoerder van een grote chemische site iets tegen Greenpeace? Neen, al heb ik met hen wel wat communicatieve robbertjes uitgevochten, waarvan in de geschiedenisboeken niet zoveel terug te vinden zal zijn. Ik heb altijd gevonden dat milieuverenigingen er moesten zijn en heb ze ook met argumentatie onder de aandacht gebracht toen ik in een eerste professionele leven nog journalist was. Ik vond zelfs in mijn tweede beroepsloopbaan, als voorlichter van een chemisch bedrijf, de rol van milieuverenigingen belangrijk als scherphouder voor het milieudenken binnen ondernemingen. En ik heb vaak discussies meegemaakt tussen milieu-experten van mijn vroegere firma en kritische milieu-activisten. Geen probleem zolang er discussie over interpretatie en uitwisseling van visies mogelijk is, gebaseerd op feiten en cijfers. Belangrijk was voor beide partijen en de goegemeente dat er een consensus ofte modus vivendi kon worden gevonden en bereikt, op basis van feiten en feitelijke vaststellingen. Peace dus.

Maar bij Greenpeace heb ik die drang naar peace maar zelden gezien en ook nooit gevoeld. En een gesprek met hen voeren is quasi onmogelijk, zo zeker zijn ze van hun gelijk. Het werden -en dat is mijn ervaring- telkens dovemansgesprekken, ook binnenskamers.

Ik heb het boekje Het Gifschip – Verslag van een journalistiek schandaal van Jappe Vink in één adem en één avond uitgelezen omdat ik het dossier uit puur eigen interesse al een tijd volgde. Ik moet zeggen, Jappe Vink slaat spijkers met koppen zowel richting Greenpeace als richting Nederlandse pers.

Laat me eerst de pers bekijken want daar heb ik als oud-journalist nog altijd een grote affiniteit mee. Tja, wat die journalisten er in het hele verhaal van de Probo Koala van hebben gebakken, grenst – op enkele uitzonderingen na – aan het ondeontologische. Voor zover ik me herinner moet een journalist altijd ALLE betrokken partijen horen, verhoren, confronteren, desnoods herconfronteren om feiten en verdichtsel te kunnen scheiden, zoals boter van karnemelk. De wrange en ongemakkelijke conclusie van Jappe Vinks verhaal over het gifschip is dat de journalistiek het dezer dagen vooral moet hebben van verhalen en hypes, het liefst smeuïge en dramatische. Dan verkopen kranten beter of worden zenders intensiever bekeken of beluisterd. Dat journalisten inzake chemie en milieu en zeker als het woordje gif valt beginnen te fantaseren en te schrijven, niet geremd door enige kennis ter zake. Dat ze zich gedragen als slippendragers van actiegroepen, ook als die actiegroepen fout zitten, en dus hun kritische ingesteldheid alleen etaleren als het om bedrijven en overheidsinstellingen gaat. Lees Jappe Vinks boekje er maar op na.

Een laatste woord over Greenpeace. Als ze echt eerlijk en waarheidsgetrouw willen zijn, zouden ze kunnen beginnen met hun naam te wijzigen in Greenwar of Greenguerrillero. Het deel van de donaties dat ze besteden aan oorlogsmateriaal (boten, actie-uitrustingen, klim- en afsluitkettingen) moet groter zijn dan dat wat ze besteden aan studiefinanciering. Want peace streven ze in hun acties en discussies nooit na. Het is alles of niks en wie de Greenpeace-analyse niet volgt of durft aan te vechten, is een tegenstrever en verrader die heult met de kapitalisten en multinationals.

In de buurt van het Tienamienplein in Beijing denken ze daar ook zo over.

Wellicht vindt u deze artikelen ook interessant

Schrijft u in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.