blog

Column: Industrie 4.0

Publicatie

29 okt 2015

Auteur

Jan Van Doorslaer

Categorie

Petrochem

Soort

blog

Tags

Eind augustus trok een uitgebreide delegatie van Vlaamse publieke en private managers naar Silicon Valley om letterlijk en figuurlijk een blik op de toekomst te krijgen. Wouter De Geest, CEO van BASF Antwerpen was deelnemer en laat in ons kwartaalgesprek zijn bewondering en verwondering opborrelen. Enthousiast vertelt hij over hoe Cisco, Google en ook Tesla en Uber daar vooruitkijken in de toekomst. Hoe ze werken aan nieuwe modellen van slimme steden, slimme mobiliteit, slimme landbouw en slimme fabrieken.
Door ver doorgedreven analyse van massa’s meetgegevens slagen ze erin om voor grote agglomeraties als Kopenhagen en Barcelona duurzame oplossingen uit te werken voor verkeersstromen en nutsvoorzieningen. ‘Indrukwekkend wat ze daar doen met hun analyses en hoe ze nieuwe modellen uitwerken. Silicon Valley focust op duurzaamheid’, zegt De Geest. Bij Cisco zag hij indrukwekkende voorbeelden van ‘smart cities’, van ‘smart farming’ en mooie simulaties van sturing van fabrieksprocessen, waardoor ‘industrie 4.0’ een heel stuk dichterbij komt. In Silicon Valley zag De Geest dat het ‘internet of everything’ een topprioriteit is en dat straks het bedienen en besturen van chemische installaties via het slimme internet geen luchtspiegeling of fata morgana meer is.

 

Complexe processen
Dat machines met elkaar kunnen communiceren is al realiteit. Dat chemische installaties straks met de smartphone kunnen worden bediend en beheerd, ligt voor De Geest nog niet voor de hand, zeker als het gaat om complexe processen. Ook experts in digitale technieken die in de chemische sector aan de slag zijn, betwijfelen of de real-time beheersing zo maar draadloos op afstand of via het net kan worden gerealiseerd. Wel wordt er aangenomen dat de controle-spanwijdte van een operator met nieuwe digitale technologie zal toenemen en vergemakkelijken.
Voor De Geest zal de weg naar industrie 4.0 eerder via stappen dan via sprongen verlopen. Eerst de processen nog stabieler maken, met minder storingen en afwijkingen via advanced process control. Daarvoor kan de big data, die nu al door de procescomputers wordt opgeslagen, wellicht intelligenter worden geanalyseerd en aangewend. De nieuwe slimme technologie is in eerste instantie service-georiënteerd. Met een beter predictief onderhoud van installaties wordt procesvoering ook stabieler, efficiënter en vooral betrouwbaarder. En dat laatste is voor de chemie en slimme fabrieken cruciaal.
Maar of het eindpunt dan de installatie-zonder-operatoren zal worden, durft hij te betwijfelen. In de maakindustrie en voor tal van logistieke processen zijn er vele voorbeelden waar systemen volautomatisch verlopen, zonder een operator in de buurt. Voor die activiteiten zal de evolutie naar 4.0 allicht sneller gaan, maar complexe processen die ook veilig voor mens en milieu moeten opereren, zullen niet zonder operatoren kunnen. Daarvoor zijn de eisen inzake betrouwbaarheid en veiligheid bijzonder hoog voor de chemie. Daarom moeten nieuwe ontwikkelingen nauwgezet worden ‘beoordeeld’ en zeker niet worden ‘veroordeeld’, onderstreept De Geest.

 

Verborgen duurzaamheid
Slimme fabrieken zullen slimme(re) operatoren en technici vergen, denkt de Antwerpse CEO. ‘Door hogere betrouwbaarheid en toenemende slimme automatisering zullen repetitieve taken afnemen of verdwijnen en zal er meer tijd vrijkomen voor bijscholing en hogere opleiding. De mens zal dus niet verdwijnen in de industrie 4.0. Overigens geldt de transitie van de industrie niet alleen voor processen, maar ook voor producten en toepassingen.’ Daarom zal de transitie naar industrie 4.0 geen vierde industriële revolutie worden, maar een evolutie. En het zal geen eenzame tocht worden voor de industrie. ‘Het Nieuwe Industriële Ondernemen en nieuwe innovaties, als stappen daarheen, zullen mijns inziens gebeuren via clusters waarbij sectoroverschrijdende co-creatie samen met onze kennisinstellingen wordt ingezet en door de overheid wordt aangemoedigd’, zo zegt De Geest die ook voorzitter is van essenscia.
Uitgerekend midden oktober kondigde Proximus, de grootste telecomoperator van België, aan dat gestart wordt met het internet of things. Het net zal tegen eind volgend jaar uitgerold zijn over heel België en Luxemburg. De eerste toepassingen van slimme technieken – die verder gaan dan slimme thermostaten – worden momenteel getest. In de kleine Belgische stad Aarschot wordt geëxperimenteerd met ‘slim parkeren’. Via sensoren in het wegdek van het stadscentrum en een app zullen automobilisten met hun smartphone snel een parkeerplaats kunnen vinden zonder toertjes te moeten draaien. Het is een van die kansen op meer duurzaamheid die nog verborgen liggen in de connectiviteit van morgen. Misschien een kleine stap, maar het is alvast een begin. Zoals de hoofdredacteur in zijn vorige editorial beklemtoonde: in de industrie is qua duurzaamheid nog heel wat te rapen. Zowel inzake energiebeheer en -gebruik, als inzake grondstoffeninzet en leefmilieu-effecten.

 

Jan van Doorslaer

Wellicht vindt u deze artikelen ook interessant

Schrijft u in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.