blog

Column: Industriebonus

Publicatie

19 mrt 2013

Auteur

Wim Soetaert, Universiteit Gent

Categorie

Petrochem

Soort

blog

Tags

Als U dit leest, heeft Europa waarschijnlijk beslist om de bonussen van de bankiers te beperken tot maximaal één jaarloon. De bankwereld bleek niet in staat om zichzelf te reguleren, Europa heeft dan maar zelf het initiatief genomen. Zelfs de Zwitsers – niet bepaald bekend omwille van hun aversie voor banken – zijn het daarmee eens; door middel van een referendum gingen ze akkoord om de buitensporige vergoedingen aan banden te leggen. En dat is goed, het is absoluut nodig om de uit de hand gelopen situatie bij de banken recht te trekken. Die bonuscultuur valt immers niet meer te rechtvaardigen. Uiteindelijk is de toegevoegde waarde van de banken voor onze economie beperkt. De laatste jaren moet je zelfs zondermeer spreken van de afgenomen waarde van de banksector en onze economie in het algemeen.

The real economy

De diensteneconomie, hét toverwoord tot voor een paar jaren, heeft veel van zijn glans verloren. Je merkt overal een sterk toegenomen aandacht voor de industrie. In een EU-document hebben ze het zelfs ongegeneerd over “the real economy” (COM 2012, 508). In dat document wordt gesteld dat de industrie nog steeds instaat voor 4/5 van de Europese export en tachtig procent van de private investeringen in innovatie. Desalniettemin ging het aandeel van de industrie in Europa continu naar beneden. Vandaag bedraagt het industrieel aandeel slechts zestien procent van het GDP van Europa. De EU heeft zich tot doel gesteld deze trend te keren en het industrieel aandeel weer naar boven te krijgen, met als streefwaarde 25 procent tegen 2020. Dat wordt nog een helse opgave. In het bijzonder omdat we daar talent voor nodig gaan hebben. Technisch geschoolde mensen die er vandaag gewoonweg niet zijn.

Gemakkelijker wegen

Jongeren kiezen steeds minder voor technische of wetenschappelijke studies. Uit een recent rapport over de studiekeuze van jongeren blijkt dat slechts één op vijf nog kiest voor technisch-wetenschappelijke studies. In dat rapport van de Vlaamse raad voor Wetenschap en Innovatie staan een hoop interessante gegevens. Zo blijkt dat jongeren al op een leeftijd van twaalf tot veertien jaar hun basisoriëntatie bepalen. Na die leeftijd is in hun hoofd de keuze reeds grotendeels gemaakt: ze zijn dan al gewonnen of hopeloos verloren voor een wetenschappelijk-technische carrière.

Een van de overwegingen die jongeren bij hun keuze maken, is dat het niet aantrekkelijk is om moeilijke technische studies te volgen als er ook gemakkelijker wegen te bewandelen zijn. Wat de zaak ook niet vooruit helpt, is dat verbazingwekkend veel mensen met een wetenschappelijk-technisch diploma uiteindelijk voor een niet-technische job kiezen. De carrièreperspectieven van die andere jobs blijken gewoonweg beter te zijn of worden tenminste zo gepercipieerd. Om het met een boutade te stellen: waarom zou je je moe maken om in een fabriek een nieuw productieproces te ontwikkelen, als je ook vanuit een comfortabel bureau financiële derivaten kan verhandelen? En en passant risicoloos flinke bonussen kan verdienen met het geld van anderen.

Goed nieuws

Die confrontatie tussen de banksector en de industrie heeft duidelijke effecten in de war for talent. In de Verenigde Staten staat de financiële sector in voor meer dan een kwart van alle bedrijfswinsten. Dat is gewoon absurd en staat in geen enkele verhouding tot hun echte toegevoegde waarde. Maar het liet de financiële wereld wel toe om systematisch de beste talenten aan te trekken, ook wetenschappelijk-technisch geschoolden. Brain-drain voor de industrie dus, en niet naar het buitenland maar in de eigen achtertuin.

De consequenties hiervan zijn zeer reëel en zullen nog vele generaties doorwerken. Als de bonuscultuur bij de banken wordt doorbroken, dan is dat dus goed nieuws in velerlei opzichten. In de war for talent vormt het zelfs een regelrechte industriebonus. En die industriebonus danken we aan Europa; de lidstaten krijgen zoiets nooit geregeld. Driemaal hoera voor Europa!

Wim Soetaert, Universiteit Gent

Neem contact op - Bekijk profiel

Petrochem 4, 2021

28 mei 2021

nieuws

Shell en Enerkem willen kerosine uit afval maken

AGENDA

Deltavisie
Deltavisie 2021: Smart

Wanneer 17 Jun 2021
Locatie Online - live vanuit Rotterdam Ahoy

Wellicht vindt u deze artikelen ook interessant

Schrijft u in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.