blog

Column: Januaristorm

Publicatie

2 feb 2016

Auteur

Jan Van Doorslaer

Categorie

Petrochem

Soort

blog

Tags

Sinds begin januari wordt de Belgische ondernemerswereld geconfronteerd met een hardnekkige storm. Niet van weerkundige, maar van fiscale aard. De Deense EU-commissaris voor Mededinging Margrethe Vestager decreteerde toen dat België onrechtmatige belastingreducties had toegekend aan multinationale ondernemingen. De Belgische staat kreeg de opdracht om die ‘onrechtmatige steun’ terug te vorderen. Eerder waren Nederland, Ierland en Luxemburg al genoodzaakt om fiscale incentives terug te vorderen van enkele ondernemingen.

 

Vertrouwensbreuk
In België gaat het om een bedrag van in totaal zevenhonderd miljoen euro dat de minister van Financiën zou moeten terugvragen aan 36 multinationale ondernemingen. Die kregen belastingvermindering – zogenaamde ‘excess profit rulings’ – tijdens de afgelopen tien jaar. In de ruling stond dat internationaal actieve bedrijven een deel van hun winst niet belast zagen omdat dit winstdeel kon worden toegeschreven aan het internationale karakter van de activiteiten. Vestager verwijt de Belgische staat dat ze de fiscale incentives niet heeft voorgelegd aan de Commissie en de belastingreductie dus ‘in den duik’ gebeurde en niet transparant.
Onder de 36 multi’s bevinden zich zowel grote groepen uit de chemie, farma, machinebouw en de voedingsindustrie als kleinere spelers uit de ICT, de bouwsector, de toelevering voor de autobouw. Het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) reageerde snel en furieus. ‘Dit is een vertrouwensbreuk. De rulings anders bekijken dan een incentive kan best, maar moet de EU-commissie daar tien jaar over doen om dat te ontdekken? Met terugwerkende kracht van tien jaar iets terugeisen, vertroebelt het stabiele investeringsklimaat waar ondernemingen op willen kunnen rekenen.’

 

Staatssteun
De ondernemingswereld heeft met dit argument een sterk punt. Tot de randvoorwaarden waarbinnen beslissingen over investeringen worden beoordeeld, hoort de fiscaliteit thuis net zoals de personeels-, energie- en kapitaalkost, de reglementen en vergunningen, etc. Wat onder de radar blijft van de pers is dat tegenover die rulings wel investeringsprojecten stonden die voor sommige ondernemingen opliepen tot meer dan 1 miljard euro. Er is een machinebouwgroep die zegt dat ze haar wereldwijd actieve serviceafdeling naar België kon halen dankzij een met de fiscus gemaakte afspraak. Alleen dat dossier is goed voor duizend jobs. Ook andere bedrijven voeren aan dat vanuit internationale groepen mede dankzij de rulings investeringsprojecten aan hun Belgische filialen werden toegewezen.
Daarover rept de EU-commissaris met geen woord, althans in de Belgische media toch niet. Ook dat er geen transparantie was, is maar ten dele correct. België heeft nooit onder stoelen of banken gestoken dat ze afspraken over ‘belastingen op overwinsten’ maakte. Op internationale handelsmissies pronkte België met dit systeem en noemde het ‘Only in Belgium’. Naar mijn bescheiden mening moeten de beambten dat toch ook geweten hebben en konden ze veel vroeger ingrijpen. Nu startte Europa het onderzoek pas in 2014 en duurde het tot begin 2016 voor de conclusie werd getrokken. Het lijkt me geen illustratie van degelijk bestuur in hoofde van de EU-commissie en dito administratie.
Bovendien blijft rechtstreekse staatssteun in andere gevallen wel mogelijk. Uitgerekend een week nadat de fiscale storm opstak, maakte autobouwer Audi bekend dat het zijn nieuwe elektrische SUV in haar fabriek in Vorst (agglomeratie Brussel) gaat bouwen vanaf 2018. Daarvoor krijgt het liefst 140 miljoen euro steun voor de nodige heropleiding van personeel en voor de ontwikkeling van innovaties. Ook andere autobouwers die in België een vestiging hebben, konden rekenen op dergelijke, door Europa niet betwiste, steun.
Hoe deze saga zal aflopen is nog onduidelijk. België kan in beroep gaan tegen de beslissing van de Commissie en ook de ondernemingen zelf kunnen naar de rechter stappen, zo melden fiscale specialisten. In Spanje is een onderneming er al in geslaagd om van de rechter gelijk te krijgen in een analoog dossier. Zeker inzake fiscaliteit is er in Europa nog veel werk aan de winkel en is de sleutelvraag of de 28 lidstaten wel bereid zijn mee te werken aan zo’n gemaakt fiscaal systeem. De fiscaliteit blijft immers nog een van de weinige instrumenten waarmee EU-landen tegenover elkaar kunnen concurreren.

 

Jan Van Doorslaer

Wellicht vindt u deze artikelen ook interessant

Schrijft u in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.