blog

Column: Tijd- en nog meer verlies

Publicatie

13 mei 2014

Auteur

Jan Van Doorslaer

Categorie

Petrochem

Soort

blog

Tags

De laatste week van april kwam er in Antwerpen een eind aan een zeven weken durende staking in het chemiebedrijf Lanxess Rubber in Zwijndrecht. Het was een van de hardste en langste sociale conflicten in de chemiesector van de voorbije jaren. Directie en een felle vakbondskern botsten frontaal tijdens de onderhandelingen over een nieuw loonakkoord.

De vakbondsleden eisten meer dan de in België nationaal afgesproken loonnorm. De directie wilde daarin niet meegaan. Ze ging zelfs verder en wilde de vrijheid nemen om loon- en arbeidsvoorwaarden terug in vraag te stellen als daartoe economische nood was. Dit laatste werkte als de spreekwoordelijke rode lap op de stier en de vertegenwoordigers van de 240 arbeiders begonnen een staking waarbij de productie van butylrubber werd stilgelegd. Letterlijk een streep door de rekening van Lanxess want de fabriek in Zwijndrecht is een goed draaiende unit en al jaren een cashcow.

Bewogen geschiedenis

Kenners van de Antwerpse chemie verbazen zich niet over dit conflict. Lanxess Rubber heeft een bewogen sociale geschiedenis. Tot 1990 heette de fabriek in Zwijndrecht nog Polysar en maakte deel uit van Polymer Corporation. Deze Canadese chemische groep was in 1942 begonnen met de productie van butylrubber om hiermee natuurlijk rubber te vervangen. Wereldoorlog Twee had de aanvoer van natuurlijk rubber namelijk stilgelegd.

In 1963 startte Polysar een butylrubberfabriek op in Antwerpen, met een capaciteit van dertigduizend ton per jaar en 163 medewerkers. Nu, vijftig jaar later, is de capaciteit 150.000 ton met 435 medewerkers. In 1990 kwam Polysar in handen van Bayer. Vervolgens splitste Bayer in 2005 zelf haar activiteiten op en kwam de burylrubberproductie terecht bij Lanxess.

Terug naar vandaag. Het Polysar van destijds kreeg al snel een hard sociaal imago. Een militante arbeiderskern voerde harde sociale onderhandelingen en zette zich schrap tegen elke poging om haar “verworvenheden” aan te tasten. Vorige maand was dat niet anders. De zeven weken staking betekenen voor Lanxess een verlies van tientallen miljoenen, maar ook de stakers leveren zowat 1.200 euro maandloon in want ze vallen terug op een stakingsvergoeding van 900 euro. Dit is een verlies-verlies-situatie.

Temeer omdat er onder de 240 arbeiders toch heel wat werkwilligen waren die in een open brief vroegen om een verzoening. Zij vreesden dat de groepsdirectie wel eens het doek zou kunnen laten vallen over de fabriek in Zwijndrecht. De directie liet dat publiekelijk ook verstaan want Lanxess heeft inmiddels bijkomende butylrubbercapaciteit gebouwd in Azië. Ook de chemiefederatie essenscia riep op het conflict bij te leggen en op te lossen.

Dialoog

En dat lukte uiteindelijk. Ik heb niet kunnen achterhalen wie hoeveel water in zijn wijn heeft moeten doen, maar eind goed al goed. Al zullen er weer wonden geslagen zijn door dit sociale conflict. De sociale dialoog zal er een knauw hebben gekregen, het vertrouwen heeft wellicht plaats gemaakt voor wantrouwen, zelfs onder de arbeiders en medewerkers. Want door de harde actie krijg je een soort van gijzeling, beginnen beide kanten te dreigen en onder dreiging zijn er nog niet veel goede compromissen gesloten.

Het is altijd een afwegen langs de twee kanten. De directie moet beoordelen of zij een staking en het bijhorende productie- en dus financieel verlies wil slikken, de medewerkers moeten beoordelen of ze naast direct loonverlies nog meer troeven, zoals jobzekerheid, prijsgeven. Om die verschillende standpunten te verzoenen, is sociale dialoog nodig. En in een dialoog is er altijd bereidheid tot luisteren. In dit conflict is mijns inziens vooral tijd en misschien nog meer verloren en daarmee is niemand gebaat, denk ik zo.

Wellicht vindt u deze artikelen ook interessant

Schrijft u in voor onze nieuwsbrief en blijf altijd op de hoogte.