De bedrijven op Chemelot hebben vorig jaar hun totale broeikasgasemissie met zeven procent verlaagd van 5,66 naar 5,24 megaton CO₂-equivalenten bij gelijkblijvende productie. Fibrant leverde hieraan een belangrijke bijdrage via een substantiële lachgasreductie. Omdat deze investering medio vorig jaar is afgerond, zal het effect daarvan ook nog merkbaar zijn in een verdere reductie in 2022.

Ten opzichte van ijkjaar 1990 namen de emissies af met 27 procent. Sinds 1990 nam de bedrijvigheid op Chemelot echter toe. Gecorrigeerd voor deze toename daalde de emissie per eenheid geproduceerd product met veertig procent.

Lachgas

Caprolactam-producent Fibrant investeerde vorig jaar 42 miljoen euro in verlaging van de lachgasuitstoot. Bij verbranding van ammoniak in de nitrietfabriek kwam lachgas vrij en ook de HSO en HPO-fabrieken produceerden als bijproduct Stikstofoxide (lachgas). Lachgas is een 265 keer sterker broeikasgas dan kooldioxide.

Nieuwe katalysatoren ontbinden het broeikasgas nu in stikstof en zuurstof. Om dat mogelijk te maken investeerde het bedrijf in nieuwe reactoren en een nieuw proces regeneratieve thermische oxidatie genaamd.

Het milieujaarverslag 2021 van Chemelot met deze en andere informatie wordt begin juni gepubliceerd.

DSM, Sabic en UPM Biofuels (producent van duurzame grondstoffen) gaan samenwerken om de duurzaamheidsafdruk van het product Dyneema te verbeteren. Dyneema is een supersterke kunststofvezel op basis van polyetheen. Door deze samenwerking wordt voor de productie van de vezel overgestapt op een biobased grondstof. Hierbij maken de bedrijven gebruik van Sabics TruCircle-oplossing voor gecertificeerde hernieuwbare producten.

UPM Biofuels produceert uit het residu van het pulpproces de biogebaseerde grondstof BioVerno. Sabic verwerkt dit vervolgens om hernieuwbaar ethyleen te maken onder hun TruCircle-oplossing. Dat bevat gecertificeerde hernieuwbare producten, met name harsen en chemicaliën uit biogebaseerde grondstoffen die niet concurreren met de voedselketen en helpen de CO2-uitstoot te verminderen.

Duurzaamheidsdoelstelling

In december 2019 kondigde DSM ambitieuze duurzaamheidsdoelstellingen aan voor de high performance vezels. Deze nieuwe samenwerking betekent een belangrijke stap in het realiseren van het doel om tegen 2030 ten minste zestig procent van de grondstof uit biobased grondstof te halen. De biobased Dyneema-vezel is vanaf april verkrijgbaar.

Chemelot en DSM hebben het Masterplan Chemelot 2030 gepresenteerd. Dit Masterplan is een vervolg op de Visie 2025 uit 2016. Het is ontwikkeld als een strategische uitwerking op het gebied van ruimte en logistiek op de site en de haven Stein. De ambitie van Chemelot is om door te groeien tot de meest veilige, meest duurzame en meest concurrerende chemie- en materialensite van Europa.

Het chemiepark wil voorop lopen in kennis- en innovatie om zo de transitie naar een duurzame en circulaire economie te versnellen. Circulaire grondstoffen en verduurzaming van onze energiebehoefte staan hierbij centraal. In 2050 moet de site klimaatneutraal zijn. Chemelot wil ook dan de maatschappelijk verantwoorde groeimotor voor economie en werkgelegenheid in de regio zijn.

Positieve besluitvorming

Een van de bouwstenen om de ambitie waar te maken, is het Masterplan Chemelot 2030. Dit plan verwoordt de ambitie en beoogde ontwikkelingen op het gebied van ruimte en transport voor de periode tot 2030. Het betreft het bewust en efficiënt omgaan met de beschikbare ruimte op de site. Daarnaast ligt het accent op het efficiënt, duurzaam en veilig inrichten van het transport naar, van en op de site. Dit alles binnen de huidige site grenzen, inclusief de haven Stein. Projecten die daarbij spelen zijn het aanleggen van parkeerplaatsen. People movers moeten de medewerkers op de site-locaties gaan brengen. Daarnaast gaat een multi-modale terminal die het aantal vrachtwagens verminderen. Een weg naar de haven van Stein moet zorgen voor een veilige verkeersafwikkeling zonder het wegennet verder te belasten. Positieve besluitvorming over het plan heeft plaatsgevonden in de Chemelot Board in december 2019.

Daarnaast worden in het plan de infrastructurele consequenties van de ontwikkelingen op de site voor de omgeving aangeduid. Samen met provincie Limburg en de omliggende gemeenten werken wij eraan om de bereikbaarheid van de site ook in de toekomst te waarborgen.

Duurzaamheidsagenda

Deze ontwikkelingen sluiten aan bij de doelstellingen uit de klimaatafspraken die gericht zijn op het reduceren van broeikasgassen. Chemelot staat voor een belangrijke transitie: het toewerken naar een klimaatneutrale site in 2050. De exacte plannen en ambities hiervoor staan beschreven in de  ‘Duurzaamheidsagenda’. De plannen uit deze agenda die te maken hebben met ruimte en transport, zijn in het Masterplan verder uitgewerkt. Het Masterplan is een flexibel plan dat zal aanhaken bij veranderingen in energietransitie en circulariteit.

Gemeenschappelijk plan

In het Masterplan Chemelot 2030 wordt ook rekening gehouden met de verschillende  overheidsplannen zowel op nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau. In samenwerking met provincie Limburg, de omliggende gemeenten, Brightlands Chemelot Campus en DSM en omwonenden werkt de organisatie aan gemeenschappelijk plan voor de invulling van het gebied rond Chemelot.

Activiteiten en onderzoeken van start

De samenwerking met bedrijven op de site en betrokken overheden blijft bestaan. Chemelot en DSM onderzoeken sinds januari 2020 wat er kan en welke gevolgen dit heeft. Dit traject verloopt volgens de daarvoor geldende procedures, binnen bestaande vergunningen en wet- en regelgeving op het gebied van milieunormen en veiligheid.

Katoen Natie investeert de komende jaren 80 miljoen euro in op en nabij Chemelot in Limburg. Hiermee speelt het opslag- en transportbedrijf in op de groei van chemische industrie in de regio. In totaal komen er 75 nieuwe banen bij.

De belangrijkste investering is een nieuwe opslagterminal op Chemelot. Katoen Natie kocht er een perceel van twaalf hectare waarop 54.500 vierkante meter magazijnruimte en 207 silo’s worden gebouwd. Naast de opslag van polymeren en andere hoogwaardige chemische producten, zal Katoen Natie er een verscheidenheid aan diensten aanbieden. Denk aan het herverpakken, zeven, compounderen en compacteren van producten. Dit nieuwe logistieke platform moet in het tweede kwartaal van 2020 operationeel zijn.

Vloeistoftanks

Parallel aan de investeringen op Chemelot breidt Katoen Natie haar logistieke terminal in Nuth uit met 10.000 vierkante meter magazijnruimte en zestig silo’s. Deze wordt naar verwachting eind 2019 opgeleverd. Verder werd een stuk grond aangekocht in Born, waar het bedrijf een magazijn van 35.000 vierkante meter zal bouwen en opereren.
Ook in transportcapaciteit voor de regio wordt dit jaar verder geïnvesteerd. Met de aankoop van 115 nieuwe trekkers, 45 nieuwe droge bulkwagens en tien nieuwe vloeistoftanks wordt het bestaande voertuigenpark vernieuwd en uitgebreid.

Ruhrgebied

De nieuwe terminal van Katoen Natie in Limburg ligt op kort afstand van de Belgische en Duitse grens. Via de nabijgelegen containerterminals kunnen containers vanuit Antwerpen en Rotterdam worden aangevoerd en vanuit de logistieke platformen verder landinwaarts worden verdeeld. Hierdoor ziet Katoen Natie Limburg als een ideaal bruggenhoofd om het Ruhrgebied en Oost-Europa te beleveren.

Vandaag start de bouw van het grootste industriële zonnepark van Limburg op een voormalige stortplaats van DSM op het Chemelot terrein. Zonnepark Louisegroeve gaat hernieuwbare stroom leveren met een capaciteit voor circa duizend huishoudens.

Het park is een initiatief van zonnepark-uitbater NaGa Solar, DSM en Chemelot. NaGa Solar verzorgt de investering in het zonnepark en de infrastructuur, de bouw en het beheer van het park. DSM stelt de grond beschikbaar en daarnaast zijn de zonnepanelen uitgerust met de laatste technologische innovaties van DSM. Chemelot coördineert de verdere uitrol en draagt zorg voor het snel en efficiënt verlopen van de bouw op het industrieterrein. Het zonnepark zal naar verwachting eind november 2018 de eerste stroom leveren aan het elektriciteitsnet.

Zonnepark Louisegroeve is vooralsnog de grootste solar installatie van Limburg met een oppervlakte van 5,7 hectare en 10.573 zonnepanelen. De zonnepanelen wekken gezamenlijk jaarlijks 3200 MegaWattuur aan hernieuwbare energie op die wordt teruggeleverd aan het openbare net en circa duizend huishoudens van duurzame elektriciteit voorziet.

Het park wordt aangelegd op de voormalige stortplaats  (deponie) Louisegroeve op het Chemelot terrein waardoor de grond op deze manier duurzaam wordt benut. DSM heeft de grond beschikbaar gesteld aan NaGa Solar, een Limburgse internationaal actieve ontwikkelaar van en investeerder in  solar projecten. De financiering van het project vindt plaats middels een groep particuliere Nederlandse investeerders.

Coatings

De zonnepanelen zijn uitgerust met door DSM Advanced Solar ontwikkelde technologieën op het gebied van coatings en backsheets die het rendement van de modules verhogen. De modules die gebruikt zijn voor de Louisegroeve zijn afkomstig van Tata Power Solar, een Indiase partij die in nauwe samenwerking de innovaties van DSM heeft toegepast. De komende jaren wordt deze installatie gebruikt als proefinstallatie waarbij DSM de resultaten van toegepaste technische innovaties nauwkeurig volgt.

NaGa bevestigt de modules op een speciaal daarvoor ontwikkeld ballastsysteem zodat de ondergrond van het zonnepark, de voormalige deponie, ongewijzigd en afgesloten blijft.

Bruinkool

“Zonnepark Louisegroeve draagt bij aan de transitie naar hernieuwbare energie en de ambities van het Nederlandse klimaatakkoord. Onze inzet om de voormalige deponie waar ooit bruinkool werd gewonnen gereed te maken als locatie voor het opwekken van hernieuwbare energie en als locatie voor DSM’s nieuwe technieken is een mooie metafoor voor innovatieve manieren om klimaatverandering tegen te gaan’, zegt Atzo Nicolaï, President DSM Nederland.

Het Japanse Mitsui Chemicals gaat een fabriek voor polypropeen-onderdelen bouwen op het industriepark Chemelot in Geleen. Daarmee reageert het bedrijf op de  groeiende vraag naar lichtgewicht polypropeen auto-onderdelen in Europa. Productiecapaciteit wordt 30.000 ton per jaar en met de investering is een bedrag van 18,4 miljoen euro gemoeid. Verwachting is dat de fabriek halverwege 2020 gaat draaien. 

Door de wereldwijde trend om de uitstoot van broeikasgassen te beperken, is er vanuit de automotive markt sprake van een sterk toenemende vraag naar lichtgewicht oplossingen op basis van polypropeen kunststof materialen. Op die manier wordt het gewicht van auto’s verlaagd en heeft dit een positief effect op het brandstofverbruik en dus ook op de vermindering van CO2 uitstoot. Dit draagt bij tot verdere verduurzaming van het autogebruik.

Op maat bedienen

Met een vestiging in Nederland is het bedrijf in staat haar Europese markt verder uit te breiden en klanten direct en op maat te bedienen. Het bedrijf gaat zich op Chemelot richten op productie, verkoop, technologische servicestructuur en R & D.

Directe omgeving

Na een zorgvuldige selectieprocedure heeft Mitsui Chemicals gekozen voor Zuid-Limburg. Belangrijk daarbij was dat het automotive cluster op Chemelot goed is vertegenwoordigd met spelers als SABIC, Arlanxeo, DSM, Sekisui, Brightlands Materials Center, Polyscope. Ook belangrijk is de aanwezigheid van VDL Nedcar en een aantal toeleveranciers in de directe omgeving. Daarnaast biedt de aanwezigheid van de koepelvergunning, centrale utilities en maintenance een groot voordeel. Ook de aanwezigheid van de Brightlands Chemelot Campus biedt mogelijkheden voor de Europese R&D-functie van de organisatie.

Chemelot ontvouwde haar plannen en ambities voor een klimaatneutrale site in 2050. Door aardgas en nafta gedeeltelijk te vergroenen, en over te stappen op duurzame elektriciteit, denkt het chemiepark zijn CO2-uistoot in 2030 met de helft te reduceren. In 2050 zou het park zelfs klimaatneutraal moeten zijn.

Chemelot heeft de afgelopen tijd met op het chemiepark gevestigde bedrijven, zoals SABIC, OCI en DSM, de Brightlands Chemelot Campus en overheden hard gewerkt aan een concreet plan voor een volledig klimaatneutrale chemiesite in 2050. Volgens een woordvoerder van Chemelot is het is een ambitieus plan waarbij de betrokkenheid en inzet van de overheid hard nodig is.

Op sommige terreinen moeten er nog technieken worden ontwikkeld en soms moet er wetgeving worden aangepast of infrastructuur worden aangelegd. Daarnaast is het noodzakelijk dat er robuuste financiële arrangementen worden ontwikkeld om zaken te kunnen realiseren.

In het voorstel zijn de hoofdlijnen van de plannen voor 2050 beschreven met de daarbij behorende randvoorwaarden. Daarnaast is er een concrete lijst van projecten opgenomen voor een mogelijke CO2-reductie van circa vijftig procent in 2030.

Deze vergroening vindt plaats op basis van de volgende vijf programmalijnen:

  1. Elektrificatie op basis van groene energie
  2. Grondstofvergroening
  3. Circulair
  4. Procesverbetering en -optimalisatie
  5. CCS en CCU

Vergroenen

In de huidige situatie krijgt Chemelot twee grote fossiele stromen per buisleiding binnen; aardgas en nafta. Deze worden gebruikt als grondstof en energiedrager. Door deze stromen te vergroenen en voor de energievoorziening over te schakelen op duurzame elektriciteit, kunnen alle fabrieken binnen Chemelot verduurzamen. De grote mate van verbondenheid tussen de fabrieken biedt een unieke kans, maar maakt ook dat de verschillende stappen uitermate gecoördineerd moeten verlopen. Om deze visie tot werkelijkheid te maken, is ontwikkeling van technologie nodig door middel van proefprojecten en – op langere termijn – demoprojecten.

CCU en CCS

Op weg naar 2050, kan het chemiecluster tot 2030 al een aantal stappen in de goede richting zetten, op het gebied van gedeeltelijke vergroening van de twee grondstoffen en gedeeltelijke elektrificering. Daarnaast zijn er nog stappen mogelijk in energie-efficiëntie, de reductie van N2O, de inzet van CO2 als grondstof (CCU) en CO2-afvang en -opslag (CCS) als tijdelijke oplossing.

Chemelot heeft deze plannen ontwikkeld in nauwe samenwerking met de Provincie Limburg en zal in de komende tijd verder werken aan de praktische vertaling en uitwerking van de plannen.

ChemicaInvest en de Highsun Group hebben gisteren een overeenkomst getekend voor de overname van Fibrant. ChemicaInvest – een samenwerkingsverband tussen CVC Capital Partners en Koninklijke DSM – was eerder eigenaar van Fibrant. 

De overeenkomst omvat alle aandelen van de caprolactamfabriek in Geleen en 60% van de aandelen van Fibrant Co. Ltd, de caprolactamfabriek in Nanjing (China). Volgens Pol Deturck, CEO van Fibrant, zal de overname het bedrijf helpen om succesvol te blijven op de lange termijn. “Door onderdeel te worden van Highsun Group ontstaat een wereldspeler op het gebied van caprolactam en nylon, wat ten goede komt aan onze klanten, leveranciers en medewerkers en waarde zal creëren voor de aandeelhouders.”

Chen Jianlong, bestuursvoorzitter van Highsun Group voegt toe: “Door deze geplande overname realiseren we een nieuwe stap in onze ambitie om een leidende speler te worden in de nylon 6waardeketen. De reputatie van Fibrant op het gebied van kwaliteit van producten, wereldwijde service en duurzame technologie zal daar een belangrijke bijdrage aan leveren.”

Naar verwachting wordt de overname in het derde kwartaal van dit jaar volledig afgerond.

 

 

 

Het Japanse bedrijf Sekisui S-Lec heeft besloten haar vestigingen in Roermond en op het Chemelot Industrial Park in Geleen uit te breiden. Een investering van ongeveer 155 miljoen euro die 40 tot 45 nieuwe vaste banen moet opleveren in Limburg.

De fabriek op Chemelot die sinds 2006 PVB-harsen produceert, wordt met factor 1,7 uitgebreid. Begin 2020 moet deze uitbreiding klaar zijn. Ook de productie van folies in de fabriek die al sinds 1997 in Roermond staat, neemt fors toe. De nieuwe productielijn voor folies wil Sekisui al halverwege 2019 in gebruik nemen.

In de Limburgse fabrieken produceert het bedrijf eerst PVB-harsen en daaruit folie voor de automobielindustrie en de bouw. Het eindproduct wordt vooral gebruik als tussenlaag voor gelamineerd glas, dat belangrijk is voor veiligheid, isolatie en bescherming tegen zonlicht en geluid. Zo hechten de films zich aan autoruiten om te voorkomen dat bij een ongeluk scherven in het rond vliegen. Het Japanse concern verwacht dat de wereldwijde autoproductie de komende jaren zal stijgen. De vraag naar de films zal meegroeien.

Rijveiligheid

Sekisui groeit met de nieuwe uitbreidingen steeds meer uit tot een belangrijke speler in de Limburgse economie. Vorig jaar werd al bekend dat het Japanse bedrijf een onderzoekscentrum vestigt op de Brightlands Chemelot Campus. Toen werd ook al gezinspeeld op de nu aangekondigde uitbreidingen.

Onderzoek is belangrijk voor het bedrijf. Zo ontwikkelt het nieuwe functies voor toepassingen in auto’s, zoals zogenoemde Head-Up Display (HUD) systemen, die bijvoorbeeld rijsnelheid en de rijbaan op de voorruit kan projecteren. Het kan verbonden worden met anderen systemen in de auto, en het systeem zou ook rijveiligheid bevorderen.

 

Op het Chemelot-terrein in Geleen is in de ochtend van woensdag 28 december brand uitgebroken. De brandweer was snel ter plaatse en wist de brand onder controle te krijgen.

De brand woedde bij Olefins 3 van Sabic (Saudi Arabian Basic Industries Corporation). Het betrof een naar buiten slaande brand uit een fornuis meldt Chemelot op haar website. Bij deze brand zijn twee medewerkers zwaargewond geraakt. Zij zijn naar het ziekenhuis vervoerd. De oorzaak van de brand is nog niet bekend.

De grondfakkel van naftakraker Olefins 3 van Sabic heeft afgelopen maand nog regulier gepland onderhoud ondergaan. Op 20 december werd gemeld dat gefakkeld ging worden als gevolg van een storing in deze naftakraker.