Het Havenbedrijf Rotterdam sluit zich als vijfde partner aan bij TenneT TSO (Nederland), Energinet (Denemarken), TenneT TSO GmbH (Duitsland) en Gasunie. De vier elektriciteits- en gasnetwerkbedrijven en het Havenbedrijf bundelen hun krachten voor de verdere studie en onderzoek naar de ontwikkeling van een grootschalig, duurzaam Europees energiesysteem op de Noordzee.

Het samenwerkingsverband is belangrijk voor de totstandkoming van een ‘North Sea Wind Power Hub’ in de periode na 2030, die een belangrijke bijdrage moet leveren aan het realiseren van de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs. Om de EU-klimaatdoelstellingen te behalen, zal het offshore-windenergievermogen op de Noordzee aanzienlijk moeten worden uitgebreid. Allard Castelein, CEO Havenbedrijf Rotterdam: ‘De industrie heeft groene stroom en waterstof nodig wil ze aan de klimaatdoelstellingen van Parijs kunnen voldoen. Het concept van een North Sea Wind Power Hub is een aansprekend vergezicht in de ontwikkeling van een grootschalig, duurzaam energiesysteem op de Noordzee. We moeten nu vaart maken met grootschalige windenergie op zee en zorgen dat dit goed verankerd wordt in de plannen van de verschillende landen rond de Noordzee.’

‘Power Link Islands

Centraal in de visie van het consortium staat de aanleg van één of meerdere zogeheten ‘Power Link Islands’ of hubs met verbindingen naar en tussen de Noordzee-landen. Deze kunstmatige eilanden of hubs moeten op de Noordzee worden gerealiseerd op een locatie met optimale windomstandigheden. Voor offshore-windlocaties ver op zee leidt een gecoördineerde internationale aanpak met een eiland-oplossing tot dertig procent kostenbesparing ten opzichte van het ‘business as usual’ aansluitmodel met HVDC converterplatforms op individuele onderstellen.
Er kan een groot aantal windturbines of offshore-windparken worden aangesloten op een Power Link Island. Vanaf het eiland kan de windenergie verder worden gedistribueerd en getransporteerd via gelijkstroomverbindingen naar de Noordzee-landen (Nederland, België, het Verenigd Koninkrijk, Noorwegen, Duitsland en Denemarken).

Power-to-gas

Bovendien kan de  windstroom op een Power Link Island worden omgezet naar duurzame waterstof voor grootschalig transport naar land, opslag of buffering. Op dit moment wordt waterstof nog gemaakt van aardgas met CO2 als bijproduct. Het combineren van de sterke punten van stroom- en gassystemen kan ook een impuls geven aan de opkomst van waterstof als duurzame oplossing in tal van toepassingen in de industrie, de gebouwde omgeving en de transportsector.
Power-to-gas zal naar verwachting een belangrijke rol spelen in de verdere analyses van het North Sea Wind Power Hub-systeem. De windstroom zou dicht bij de bron kunnen worden omgezet in gasvorm en mogelijk via bestaande offshore-gasinfrastructuur aan land worden gebracht.

TenneT heeft samen met haar Deense partner Energinet.dk de eerste heipaal geplaatst voor de bouw van het Nederlandse converterstation voor de COBRAcable, een onderzeese elektriciteitskabel tussen Nederland en Denemarken. Gedeputeerde van de provincie Groningen Nienke Homan gaf samen met burgemeester Van Beek van Eemsmond en operationeel directeur van TenneT, Ben Voorhorst, het startsein voor de eerste heipaal-boring. De ceremonie werd verder bijgewoond door Siemens dat verantwoordelijk is voor de elektrische installaties.

De kabelverbinding met een capaciteit van circa 700 megawatt wordt ongeveer 325 kilometer lang en loopt vanaf Eemshaven (Nederland) via het Duitse deel van de Noordzee naar Endrup (Denemarken). De verbinding wordt uitgevoerd als een hoogspanningsgelijkstroomkabel (High Voltage Direct Current, HVDC) omdat er dankzij deze gelijkstroomtechniek weinig verliezen optreden bij elektriciteitstransport over lange afstanden en er dus vrijwel geen (duurzame) stroom verloren gaat. Twee converterstations op land, een in Nederland en een in Denemarken, zijn nodig om de kabel aan te sluiten op de bestaande netten. In deze stations zal de elektriciteit (afhankelijk van de transportrichting) worden omgezet van gelijkstroom naar wisselstroom en vice versa, en in het Nederlandse respectievelijk Deense transportnet worden ingevoed om huishoudens en bedrijven te voorzien van elektriciteit.

Minister Kamp, Economische Zaken: ‘Het kabinet zet in op het terugbrengen van de energievraag door middel van energiebesparing en stimuleert het duurzaam opwekken van elektriciteit en warmte. De nieuwe hoogspanningsverbinding tussen Nederland en Denemarken is belangrijk voor de energiedoelstellingen van Nederland. De zeekabel verhoogt de leveringszekerheid en biedt de benodigde extra capaciteit om duurzaam opgewekte energie uit wind tussen Denemarken en Nederland te transporteren.’

Groene kabel

Ben Voorhorst: ‘De aanleg van de COBRAcable speelt een belangrijke rol in de verwezenlijking van een duurzaam internationaal energielandschap. Nederland en Denemarken kunnen met de kabel elektriciteit uitwisselen op een eenvoudige, veilige en milieuvriendelijke wijze. Zo kan er bijvoorbeeld meer duurzame windenergie geïmporteerd worden uit Denemarken. Op momenten dat er weinig wind is, zal de kabel de leveringszekerheid van elektriciteit in Denemarken vergroten. Verder wordt de kabelverbinding zo ontworpen dat het in een later stadium mogelijk is om een windpark op zee aan te kunnen sluiten.’

Siemens is verantwoordelijk voor de bouw van de elektrische installaties in de converterstations in Nederland en Denemarken. In Nederland neemt Siemens daarnaast ook het civiele gedeelte van het converterstation voor zijn rekening. ‘Wij zijn verheugd, samen met TenneT, Energinet.dk en Prysmian deze geavanceerde Europese elektriciteitsverbinding aan te leggen’, aldus Bernard Fortuyn, lid van de raad van bestuur van Siemens Nederland. ‘Momenteel werkt Siemens aan vijf van dit soort stroomsnelwegen in Europa. Inclusief de COBRAcable brengen wij daarmee de komende jaren 4,6 gigawatt online, waarmee we een aanzienlijke bijdrage leveren aan de integratie van de nationale netten tot een Europees elektriciteitsnet’.

Overige onderzeese elektriciteitskabels

De COBRAcable is niet de eerste onderzeese elektriciteitsverbinding die TenneT aanlegt. In 2008 realiseerde TenneT de NorNed-kabel tussen Nederland en Noorwegen (capaciteit: 700 megawatt, lengte: 580 km) en in 2011 de BritNed-kabel tussen Nederland en het Verenigd Koninkrijk (capaciteit: 1.000 megawatt, lengte: 260 km). Naast de nieuwe COBRA-kabel is TenneT momenteel bezig met de aanleg van NordLink. Deze onderzeese kabel tussen Duitsland en Noorwegen krijgt een capaciteit van 1.400 megawatt en zal in 2020 gereed zijn.

Feiten en cijfers

  • Hoogspanningsgelijkstroomverbinding (HVDC) met een totale lengte van 325 km
  • Capaciteit van 700 megawatt bij 320 kiloVolt
  • Aansluitlocaties op het vaste net: converterstations in Eemshaven en Endrup
  • Geplande inbedrijfname in 2019