nieuws

‘Overheid moet klant worden van start-ups’

Publicatie

21 apr 2020

Auteur

Dagmar Aarts

Categorie

iMaintain

Soort

nieuws

Tags

iMaintain 2020, onderhoud, Schaduwparlement

Onderhoud is een woord dat niet vaak voorkomt in de troonrede of wordt uitgesproken tijdens de Algemene Beschouwingen. Daarom vindt iMaintain het hoog tijd om een eigen Schaduwparlement van Onderhoud op te richten. Simon Jagers van Semiotic Labs trapt af. Als lid van het Schaduwparlement wil hij een wetswijziging indienen. Volgens hem moet de overheid stoppen met het geven van subsidies aan beginnende bedrijven die zich bezighouden met kunstmatige intelligentie en data-science op het gebied van onderhoud. In plaats daarvan moet de overheid klant bij hen worden. 

In onderhoudsland vinden snelle ontwikkelingen plaats op het gebied van data-science en kunstmatige intelligentie. En daar laten we, ‘en zeker de overheid’, de bal liggen volgens Simon Jagers. Als je investeert in de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie en je algoritmes blootstelt aan meer data, worden je algoritmes en de kwaliteit van je analyses steeds beter. 

Dat komt omdat algoritmes worden aangescherpt door data te verwerken, om vervolgens de uitkomsten van analyses te gebruiken om die algoritmes te trainen. Daarmee verbeteren je analyses en de waarde van de oplossing, waardoor je weer meer klanten kan bedienen dan de concurrent. Dat levert weer meer data op die je gebruikt om de algoritmes te verbeteren, enzovoorts. Jagers: ‘Het loont dus de moeite om te investeren in kunstmatige intelligentie, want wie eenmaal een voorsprong opbouwt kan die uitbouwen. 

Debatteer mee tijdens iMaintain 2020

Op de derde vrijdag van september dienen verschillende schaduwkamerleden moties, wetswijzigingen en begrotingsvoorstellen in die de staat van de Nederlandse assets moeten versterken. Zowel in de infrastructuur als in de industrie. Debatteer en stem met ons mee op 18 september bij Tata Steel in IJmuiden! Aanmelden kan hier. 

Wereldkampioen

Nederland is wereldkampioen onderhoud en daardoor is het interessant om juist hierin te investeren. Jagers: ‘Kies als overheid voor de sectoren waar je al de beste in bent. Juist in zo’n sector zorgt de combinatie van diepe domeinkennis en kunstmatige intelligentie voor snelle vooruitgang. En als er geïnvesteerd gaat worden, moet de overheid dat doen door klant te worden, niet door subsidies te verlenen. 

De meeste bedrijven op dit terrein zijn start-ups of scale-ups. Een subsidie bestaat doorgaans uit een zak met geld, een inspanningsverplichting en een hoop administratieve verplichtingen. Dat is een beetje gek vind ik’, zegt Jagers. ‘Je kan ergens wel een heleboel tijd aan besteden, maar de vraag is of die tijd nuttig is besteed. Die vragen kan je veel beter beantwoorden als je als overheid klant bent. Dan kan je namelijk goed bepalen of de leverancier geleverd heeft, of niet. Dat is een veel betere maatstaf voor de efficiency waarmee resources worden besteed dan een timesheet met gewerkte uren. 

simon-jagers

Er zijn volgens Jagers genoeg kansen om te investeren in smart maintenance. De overheid is op een heleboel takken asset owner of aandeelhouder, denk aan Rijkswaterstaat, verschillende gebouwen en nutsbedrijven. Door als overheid klant te worden, geef je bedrijven de kans om algoritmes in de echte wereld te testen en bloot te stellen aan data waarmee de algoritmes worden getraind en verbeterd.’ 

Wet aanpassen

Het is daarbij ook een manier om bedrijven te dwingen als leverancier te denken. Jagers: ‘Juist als startend bedrijf moet je al snel zorgen dat je geld kunt vragen voor het werk dat je levert. Als je dat niet doet, heb je in feite een hobby. Je geeft geld uit aan iets dat minder oplevert dan het kost om te leveren. Subsidies houden dat in stand, maar het past niet bij een klant-leverancier relatie. Als je niet levert wat je belooft, heeft dat consequenties.’ 

Om geen subsidie meer te geven, maar klant te worden als overheid stelt Jagers voor om de wet te wijzigen. ‘Je zou hetzelfde mechanisme dat oordeelt of subsidie moet worden toegekend kunnen toepassen op de vraag of je als overheid klant wordt van een bedrijf. Uiteindelijk worden we zo nog beter in onderhoud en wordt het een nog interessanter exportproduct.’