Karen de Lathouder vult haar functie als CEO BP Nederland zichtbaar met veel energie en plezier in, al was het maar omdat ze zich nu ook over de retail van de BP stations mag buigen. ‘Een heel andere wereld, waar je veel dichter op de klant zit’, aldus De Lathouder. ‘Dat is ook zeer leerzaam voor onze andere activiteiten. Want we zullen de klant moeten meenemen in de transitie waar we nu voor staan.’ Lees het volledige interview met De Lathouder in het juni-nummer van Petrochem.

Verder in deze editie een artikel over schaarste en hoe daarmee om te gaan. Staal, aluminium, papier, hout en computerchips: het is of helemaal niet te krijgen, of tegen absurd hoge prijzen. De combinatie van hoge energieprijzen, de nasleep van de coronacrisis en de onzekere Oekraïnecrisis zetten de industrie momenteel voor grote dilemma’s. De hoge prijs van staal en andere bouwstoffen maken een projectbegroting haast onmogelijk.

Plantmanager Henk Feddes van Corbion staat voor een heel andere uitdaging. De vraag naar melkzuur is wereldwijd gestegen, maar de ruimte op het historische CSM-terrein is beperkt. Toch lukt het hem en zijn team met incrementele stappen steeds efficiënter te produceren en op te schuiven in de waardeketen. Vakmanschap en eigenaarschap zijn daarin belangrijke factoren.

Lees er meer over in het juni-nummer van Petrochem. Bij de lezers op 29 juni op de mat, maar nu tijdelijk online al door te bladeren.

Jij mag meebepalen wie zich komend jaar Plant Manager of the Year 2022 mag noemen. Wie moet volgens jou het nieuwe boegbeeld van de Nederlandse procesindustrie worden? Is dat Wilfred de Jager (EEW), Roel Jolling (Polyscope), Paul Karrenbeld (Van Wijhe) of Lisette Sierevogel (Tata Steel). Bekijk nog even hun filmpjes, lees hun achtergrond en breng je stem uit! 

Stemmen kan tot en met 23 juni 13.00 uur. Op die dag houden wij het iLinqs festival. Rond 16 uur maken we daar bekend wie met de titel naar huis gaat.  

 

Naast het stemmen via internet (goed voor 20 procent van de punten), brengen ook de bezoekers van het congres (20 procent) en een jury (60 procent) hun stem uit. 

Roel Jolling

Een relatief kleine, onbekende fabriek op Chemelot en toch wereldmarktleider. Door de verschillende variaties van het SMA-copolymeer dat Polyscope produceert, wordt veel flexibiliteit van plantmanager Roel Jolling en zijn team verwacht. Ondanks de volcontinue manier van produceren, moet de fabriek regelmatig worden omgesteld. Deze pitstops vragen om specifieke competenties. ‘Je past hier, of je past hier niet. Daar zit niets tussenin.’ Lees hier het hele interview

Wilfred de Jager

De afvalenergiecentrale van EEW speelt een steeds belangrijkere rol in de verduurzaming van de energievoorziening van de bedrijven in de Eemshaven. Aan plantmanager Wilfred de Jager de taak om de fabriek niet alleen uit te breiden, maar ook steeds meer afvalstromen te verwaarden. Lees hier het hele interview

Paul Karrenbeld

Het is niet eenvoudig als je de derde speler bent in de Champions League van de verfindustrie en niet het budget van de grote teams hebt. Toch weet Koninklijke Van Wijhe Verf op te boksen tegen de grote jongens. Door de kwaliteit en leverbetrouwbaarheid hoog te houden weet het Operations Team van Van Wijhe de aansluiting te houden bij de wensen van zijn klanten. Het is aan Plant Manager Paul Karrenbeld om het 63 koppige team naar de toekomst in te leiden. Want daar voert met name duurzaamheid de boventoon. Lees hier het hele interview

Lisette Sierevogel

Tata Steel zit in een roerige tijd waarin het een duurzame koers inzet terwijl corona ook nog niet verdwenen is. Plantmanager Lisette Sierevogel verdeelt haar aandacht dan ook over kwaliteitverbeterende en overlastverminderende projecten en de dagelijkse aansturing van zeshonderd mensen. ‘Ik heb de focus zien verschuiven van volume naar kwaliteit en nu ligt er een grotere nadruk op de omgeving. Dat vraagt om extra aandacht voor de werkvloer, maar brengt ook nieuwe perspectieven met zich mee.’ Lees hier het hele interview

De Inlichtingen- en Opsporingsdienst van de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT-IOD) verdenkt een groot internationaal testlaboratorium van het grootschalig vervalsen van analyseresultaten. Het bedrijf levert inspecties, analyses en certificeringen aan bedrijven die producten ontwikkelen voor de olie-, gas-, chemicaliën- en agro-industrie, zoals brandstoffen.

De ILT-IOD heeft aanwijzingen dat het bedrijf niet integer handelt en monsters manipuleert of analyses aanpast, met als oogmerk financieel gewin voor de betrokken bedrijven. Gesjoemel met uitkomsten maakt dat geteste producten in werkelijkheid (veel) schadelijker voor mens en milieu kunnen zijn.

Een testlaboratorium hoort onafhankelijk en onbevooroordeeld te testen en analyseren, stelt ILT-IOD in een persbericht. Uitkomsten van deze analyses bepalen wat de risico’s voor de gezondheid van mensen, of schade of gevaren voor de leefomgeving en het milieu zijn. De integriteit van testen van laboratoriummonsters en onderzoeksrapporten zijn dus cruciaal.

De ILT-IOD heeft bij doorzoekingen op twee vestigingslocaties van het bedrijf gegevensdragers en administratie in beslag genomen. Er zijn geen aanhoudingen verricht.

De eerste dertien convectiemodules voor project Skyline zijn aangekomen bij Shell Moerdijk. De enorme warmtewisselaars zijn gefabriceerd en al voor een deel geassembleerd op een werf in Noord-Spanje.

De eerste dertien exemplaren van in totaal 32 convectiemodules arriveerden in de laatste week van februari per gesloten zeeschip. Een hijsbok tilde één voor één de modules op een dieplader aan wal. De per fornuis 220.000 kg wegende modules zijn hierna op hun tijdelijke plek gezet. Daar blijven ze totdat ze aan de beurt zijn om in de kraakfornuizen te worden ingebouwd, de laatste pas half 2024. De aankomst van de resterende negentien modules staat voor april op de planning.

Tijdens de ombouw van elk fornuispaar blijft de kraakinstallatie in bedrijf. Daarom heeft Shell ervoor gekozen om zoveel mogelijk modulair te bouwen waardoor er zo min mogelijk werkzaamheden plaatsvinden in de directe nabijheid van de draaiende fabriek. Dat is behalve efficiënter ook veiliger.

Fakkelleiding

En om ruimte te creëren voor het aanstaande transport van de toekomstige fornuizen van project Skyline werd begin maart ook een nieuwe fakkelleiding gehesen. De huidige fakkelleiding zou daarbij namelijk in de weg liggen. De nieuwe fornuizenmodules zijn zo’n 15 meter hoog terwijl de doorgang slechts 8,35 m hoog is. Om de modules straks binnen het bereik van een grote ringkraan te krijgen, was het noodzakelijk om de huidige fakkelleiding te verleggen. Wanneer de fabriek binnenkort voor onderhoud uit bedrijf is, volgt het verwijderen van de huidige leiding en het aansluiten van de nieuwe fakkelleiding.

Warmte-uitwisseling

Project Skyline vergt een investering van honderden miljoenen euro’s. En hoewel de totale capaciteit gelijk blijft, brengt Shell het energieverbruik op Moerdijk flink terug met de nieuwe fornuizen. Dat gaat het bedrijf straks vooral terugzien in het gasverbruik. Doordat de efficiëntere fornuizen minder fuelgas uit de kraker nodig hebben, blijft daar meer van over voor het ketelhuis voor het maken van stoom. Bovendien verbetert de warmte-uitwisseling waardoor er ook nog eens minder stoom van het ketelhuis nodig is. De CO2-uitstoot van Shell Moerdijk gaat hiermee met zo’n tien procent per jaar omlaag. Naar verwachting zijn de werkzaamheden in 2025 klaar.

Volgens minister Micky Adriaansens van EZK heeft Sabic nog geen definitief besluit genomen over sluiting van een van zijn naftakrakers op het Chemelot-terrein. VVD-kamerleden Silvio Erkens en Pim van Strien stelden kamervragen aan haar en Rob Jetten (Klimaat en Energie) na een bericht van De Limburger waarin Sabic zegt te overwegen een van de twee naftakrakers in 2024 te sluiten.

In een reactie op de vragen zegt minister Adriaansens op de hoogte te zijn van de berichtgeving: ‘Sabic heeft haar medewerkers medegedeeld dat het bezig is met een strategische heroriëntatie waarbij het sluiten van een kraker een eventuele optie is. In dit proces is – voor zover mij bekend – echter nog geen besluit genomen.’

Op de vraag wat een eventuele sluiting voor de verduurzamingsplannen voor Chemelot betekent, antwoordt Adriaansens: ‘Zoals aangegeven heeft Sabic niet gesproken over sluiting van het gehele complex en zijn de verduurzamingsplannen nog steeds relevant. Juist voor de verduurzaming van het complex is infrastructuur noodzakelijk. Mochten de verduurzamingsplannen wijzigen dan zullen de eventuele effecten een plaats krijgen in de Cluster-energie strategie van Chemelot. Van daaruit zal dan worden gekeken naar de effecten op de planning van betrokken projecten in het Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (MIEK). Er zijn geen aanwijzingen dat de verduurzamingsplannen wijzigen.’

> Lees het interview met Mark Gerards, plantmanager van Olefins-3 van Sabic.

Shell Moerdijk bouwt in het tweede kwartaal van dit jaar een speciale ringkraan op voor project Skyline. Met dit project vervangt het bedrijf de zestien oudste fornuizen van de kraakinstallatie door acht nieuwe. De ringkraan is nodig om de oude fornuizen veilig uít de fabriek te hijsen en de nieuwe fornuizen veilig ín te hijsen.

Samen met Mammoet is Shell al sinds 2017 bezig met het uitwerken van diverse transport- en hijsstudies voor het Skyline project. De ringkraan wordt een van de grootste kranen ter wereld met een hijscapaciteit van 2.000 ton en een contragewicht van 1.600 ton. Hij wordt meer dan honderd meter hoog. De hoofdmast wordt bijna zeventig meter en de kraanarm ruim 45 meter.

Rechts de fundering voor de ringkraan die zestien oude fornuizen uit en acht nieuwe fornuizen in de fabriek gaat hijsen.

De componenten van de kraan passen straks in containers, zodat ze gemakkelijk over de gehele wereld te verschepen zijn zonder dat hiervoor speciaal transport nodig is. Daarvoor zijn overigens meer dan honderd containers nodig. Voor de opbouw van de imposante kraan rekent Mammoet vier weken. Een rupskraan gaat deze klus klaren, en deze rupskraan wordt op zijn beurt weer opgebouwd door een grote mobiele kraan.

Boorpalen

De fundatie voor de ringkraan is inmiddels klaar. Daarvoor waren 72 stuks boorpalen, 60 ton bewapening en 435 kubieke meter beton nodig. De eerste paal voor project Skyline werd in augustus vorig jaar de grond in gedraaid. In totaal zijn er zo’n driehonderd palen nodig.

Voor de nieuwe fornuizen wordt de bestaande fundatie van de oude fornuizen gebruikt. De nieuwe fornuizen komen in modules met schepen naar Moerdijk. Daar worden zij fornuis voor fornuis in elkaar gezet. Dankzij deze gefaseerde aanpak kan de fabriek tijdens de verbouwing gewoon blijven draaien.

Eind april vorig jaar kwamen de eerste stukken equipment al op de site van Shell Moerdijk aan. Het ging toen om de eerste vier radiant coils, die samen het hart van een nieuw fornuis voor de stoomkraker gaan vormen. Elke module weegt zo’n 5,8 ton. In totaal komen er 32 radiant coils naar Moerdijk.

Energieverbruik

Project Skyline vergt een investering van honderden miljoenen euro’s. En hoewel de totale capaciteit gelijk blijft, brengt Shell het energieverbruik op Moerdijk flink terug met de nieuwe fornuizen. Dat gaat het bedrijf straks vooral terugzien in het gasverbruik. Doordat de efficiëntere fornuizen minder fuelgas uit de kraker nodig hebben, blijft daar meer van over voor het ketelhuis voor het maken van stoom. Bovendien verbetert de warmte-uitwisseling waardoor er ook nog eens minder stoom van het ketelhuis nodig is. De CO2-uitstoot van Shell Moerdijk gaat hiermee met zo’n tien procent per jaar omlaag. Naar verwachting zijn de werkzaamheden in 2025 klaar.

Yara wil in Noorwegen groene waterstof inzetten bij de productie van ammoniak. Het bedrijf heeft Linde Engineering opdracht gegeven een elektrolyser te bouwen op de site in Porsgrunn. Deze moet medio 2023 in productie gaan.

De 24 MW elektrolyser in Porsgrunn gaat gedeeltelijk de waterstofproductie op basis van koolwaterstoffen in het bestaande ammoniakproces van Yara vervangen. De nieuwe installatie krijgt een capaciteit van zo’n 10.000 kg groene waterstof per dag. Dit is voldoende om 20.500 ton groene ammoniak per jaar te produceren. En dit kan vervolgens worden omgezet in 60.000 tot 80.000 ton groene meststoffen.

Voor Linde Engineering wordt het de twee 24 MW PEM-elektrolyser die ze bouwt. De eerste wordt op dit moment gebouwd in het Leuna Chemical Complex in Duitsland. Deze gaat vanaf de tweede helft van dit jaar 3.200 ton groene waterstof per jaar produceren.

In januari kondigde Yara al een commerciële overeenkomst met Lantmännen aan om vanaf 2023 fossielvrije meststoffen op de markt te brengen. > Lees meer

Industrielinqs pers en platform levert als kennispartner voor de industrie een bijdrage aan een duurzame industrie. Dat doen we het hele jaar door met journalistieke producties en bijeenkomsten, zoals onze magazines Industrielinqs en Petrochem, verschillende nieuwssites, online talkshows, congressen, films en natuurlijk via social media.

Eén maal per jaar maken we de Industrielinqs Catalogus. Dit naslagwerk biedt al jaren een compleet overzicht van honderden leveranciers, opleiders, kennispartners en dienstverleners. Ook voor 2022 is dit complete naslagwerk uw gids voor de industriële delta.

We geven u bovendien een journalistieke blik op de toekomst dankzij een aantal artikelen over in het oog springende industriële trends. U leest onder meer:

  • Op de valreep van 2021 werd duidelijk dat de industrie een nog prominentere rol krijgt in de transitie naar een CO2-emissieloos energiesysteem. Daarmee lijken veel projecten die al in de steigers stonden, nu definitief op hun plaats te vallen. Tel daarbij absurd hoge gas- en CO2-prijzen op en het mag duidelijk zijn dat 2022 een scharnierpunt wordt voor de energietransitie.
  • Het is haast cynisch. De sectoren die tijdens corona-lockdowns als cruciaal worden gezien, kampen het meest met personeelstekorten. Denk aan de zorg, het onderwijs, maar niet te vergeten ook de industrie. Al decennialang klaagt de industrie over een dreigende krapte op de technische arbeidsmarkt. Vaak boden automatisering en efficiëntieslagen de nodige verlichting. Zal dat nu ook voldoende zijn?
  • Voor velen is het niet de vraag of er autonome fabrieken komen, maar meer wanneer. De technische vooruitgang gaat zo snel, dat steeds meer werk uit handen wordt genomen door digitale systemen. Zes trends maken de autonome fabriek mogelijk en het grootste deel is al begonnen.

Dit en meer vindt u in de Industrielinqs Catalogus 2022. Lees nu alvast digitaal!

Shell begint op het Energy & Chemicals Park Rotterdam (voorheen Shell Pernis) eind januari met een grote onderhoudsstop. Pas eind juni, vijf maanden later, moeten alle werkzaamheden afgerond zijn.

Shell gaat samen met contractors een flink aantal installaties van binnen en buiten inspecteren, schoonmaken en onderdelen vervangen. Er zijn gedurende die vijf maanden meer dan 2.500 extra contractors aan het werk. Zij vullen de ongeveer 1.900 mensen aan die gewoonlijk al op het Energy & Chemicals Park Rotterdam werkzaam zijn. ‘De onderhoudsstop verbetert de procesveiligheid en betrouwbaarheid van de installaties’, stelt woordvoerder Marc Potma. Hij wil niet veel meer over de extreem lange stop vertellen vanwege concurrentiegevoelige informatie.

Vervangen, gerepareerd of verbeterd

In 2019 nam Shell dertien van de vijfenzestig fabrieken op Pernis in groot onderhoud van eind januari tot en met eind maart. Toen ging het om de benzinefabrieken. Tijdens de stop werden veel kleppen, pijpen, afsluiters en warmtewisselaars vervangen, gerepareerd of verbeterd. En daarnaast werden projecten gedaan om de fabrieken energie-efficiënter te maken. Ook kreeg de cat-cracker een nieuwe stripper en werden grote leidingen vervangen.

In 2020 had Shell Pernis in mei en juni een grote onderhoudsstop waarbij tien fabrieken onder handen werden genomen. Ze werden van binnen en buiten geïnspecteerd en verbeterd. Onder andere vaten, torens en warmtewisselaars werden geïnspecteerd, vervangen en gereinigd, zodat ze er weer drie tot zes jaar tegenaan kunnen. Daarnaast verving Shell tijdens de stop onder andere een grote strippenkolom van 32 meter.

Shell Pernis is de grootste raffinaderij van Europa. De fabrieken op het terrein verwerken samen twintig miljoen ton olie per jaar.

Ineos heeft de omgevingsvergunning voor Project ONE binnen en kan dus door met de realisatie van een ethaankraker in Antwerpen. Het concern investeert ruim 3 miljard euro in het project en verwacht dat de stoomkraker in 2026 in productie zal zijn.

‘Door in ons ontwerp consistent te kiezen voor de best beschikbare technieken die vandaag voorhanden zijn, vestigen we een nieuwe milieustandaard binnen onze sector’, stelt John McNally, CEO INEOS Project ONE. ‘Onze ethaankraker zal de laagste koolstofvoetafdruk van Europa hebben: drie keer lager dan de gemiddelde Europese stoomkraker en minder dan de helft van de tien procent beste presteerders in Europa.’

In het ontwerp van de installatie is bovendien de nodige flexibiliteit ingebouwd om andere technologieën te integreren zodra deze zich hebben bewezen, zoals koolstofafvang en -opslag en het opdrijven van het gebruik van waterstof als koolstofarme brandstof tot honderd procent naarmate er klimaatvriendelijke waterstof ter beschikking komt. Ook elektrificatie van de kraakovens komt in aanmerking wanneer de technologie industrieel schaalbaar wordt. Ineos mikt op 2026 als startjaar voor de exploitatie aangezien de bouw ongeveer vier jaar in beslag zal nemen.