Op het terrein van HVC in Dordrecht is een demofabriek geopend die grondstoffen voor een nieuwe, natuurlijke plastic-vervanger produceert uit natuurlijke reststoffen. Deze zijn afkomstig uit afvalwater.

Het materiaal heeft de voordelen van plastic maar niet de nadelen. Het is licht en vormbaar, is verwerkbaar als plastic én volledig biologisch afbreekbaar. Daardoor worden er geen microplastics in de natuur achtergelaten. De samenwerkingspartners achter de fabriek zien legio mogelijkheden voor de toekomst: van schoenzolen tot landbouwplastic en kweekpotjes, tot zelfhelend beton in tunnels en kelders.

Het nieuwe materiaal wordt gemaakt uit natuurlijke reststoffen. Deze zijn afkomstig van afvalwater, waarin veel vetzuren zitten. De bacteriën in de demonstratie-installatie zetten deze vetzuren om. Zoals mensen vet in het lichaam opslaan, slaan deze bacteriën dit materiaal als een energiereserve in hun cel op. De stof wordt uit de bacteriën gehaald en kan vervolgens worden gebruikt als natuurlijke plastic-vervanger.

Samenwerkingsverband

De installatie is mogelijk dankzij een bijzondere samenwerking tussen private en publieke partijen. Het samenwerkingsverband bestaat uit vijf waterschappen: Brabantse Delta, De Dommel, Hollandse Delta, Scheldestromen en Wetterskip Fryslân. Met daarnaast STOWA, Paques Biomaterials en HVC.

Met de demonstratiefabriek willen de samenwerkingspartners een brug slaan naar een commerciële productie van de natuurlijke plastic-vervanger. De demo-installatie maakt het voor een groot aantal geïnteresseerde bedrijven mogelijk om het nieuwe materiaal te testen en toe te passen in hun producten als alternatief voor plastic. Het is de bedoeling na de demofase op te schalen en grotere installaties neer te zetten die de natuurlijke plastic-vervanger op de markt zal brengen.

> Lees hier meer over het project

Het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) stelt de injectie van productiewater van de NAM in Schoonebeek onder verscherpt toezicht. NAM constateerde in februari namelijk een scheur in de buitenbuis van een waterinjectieput in Twente. Hoewel SodM geen aanwijzingen vond van lekkage van productiewater, vindt SodM wel dat het incident al in 2017 had moeten worden opgemerkt, onderzocht en gemeld. Inmiddels legde NAM alle injectie-activiteiten stil.

NAM constateerde in februari 2021 een scheur in de buitenbuis van een waterinjectieput in Twente (ROW2). De NAM meldde deze bevinding aan SodM en voerde conform de wettelijke verplichting een onderzoek uit. SodM beoordeelde het onderzoek van de NAM en komt tot de conclusie dat de NAM onvoldoende onderzoek deed naar de oorzaak van de scheur.

Bovendien was het monitoringsprogramma van de NAM niet in staat om schade aan deze put tijdig op te sporen. SodM acht dit met name een risico voor injectieput ROW7, die zich in de nabijheid bevindt van ROW2. SodM sluit niet uit dat op dit moment vergelijkbare krachten in de diepe ondergrond inwerken op deze put.

Op aangeven van SodM legde de NAM daarom de waterinjectie in ROW7 uit voorzorg stil. Daarnaast stelt SodM de injectie van productiewater afkomstig van de oliewinning in Schoonebeek per direct onder verscherpt toezicht. In het kader van het verscherpt toezicht, lichtte SodM ook het Openbaar Ministerie in. Het OM kijkt vanuit een strafrechtelijk oogpunt naar deze zaak.

Geen lekkage productiewater

SodM benadrukt dat er op dit moment geen aanwijzingen zijn dat zich gevaarlijke situaties hebben voorgedaan bij put ROW2. Of dat deze dreigen plaats te vinden bij de overige injectieputten in het Rossum-Weerselo veld. SodM stelde vast dat het teruggehaalde deel van de binnenbuis van ROW2 nog intact was. En dat de gemeten injectiedrukken geen lekkage van productiewater naar de buitenbuis laten zien.

Wel staat vast dat zo’n tien kuub mijnbouwvloeistof die tussen de binnen- en de buitenbuis zit, naar de diepe ondergrond is gelekt. Deze vloeistof bestaat uit water met een pH-waarde van 11 door de toevoeging van kaliumchloride (zout). Deze vloeistof is in een injectiereservoir terechtgekomen.

Druk viel weg

De NAM had al in 2017 kunnen weten dat er problemen waren met de integriteit van injectieput ROW2. In augustus van dat jaar viel namelijk de druk in de ruimte tussen de binnen- en de buitenbuis kortstondig weg. De gemeten drukdaling had tijdig moeten worden opgemerkt, onderzocht en bij de toezichthouder gemeld. De NAM stelde de toezichthouder pas in maart 2021 van deze drukdaling op de hoogte.

Aanvullende metingen

In Twente vindt de injectie van productiewater plaats dat vrijkomt bij de oliewinning in Schoonebeek. NAM injecteert het productiewater in het voormalig gasveld Rossum-Weerselo via putten ROW4, ROW5 en ROW7. NAM meet regelmatig de integriteit van deze putten. Zo meet men jaarlijks de staat van de binnenbuis, en het onderste deel van de buitenbuis elke vijf jaar. De metingen van zowel de binnen- als de buitenbuis van ROW4 en ROW5 zijn van voldoende kwaliteit om te kunnen vaststellen of injectie verantwoord kan plaatsvinden. Ook de jaarlijkse metingen van de binnenbuis van ROW7 zijn van afdoende kwaliteit. Omdat de binnenbuis van ROW7 echter een stuk smaller is en hierdoor niet alle meetapparatuur past, hanteert de NAM een alternatieve, minder nauwkeurige methode voor de vijfjaarlijkse metingen van de buitenbuis. Gezien het incident bij ROW2 wil SodM dat de NAM hier aanvullende metingen verricht, voordat kan worden overwogen of deze put weer gebruikt mag worden voor de injectie van productiewater.

BASF Antwerpen is al jaren bezig met duurzaamheid op het gebied van water. Ze wisselde ooit al van het gebruik van drinkwater naar oppervlaktewater, maar de toekomst vraagt om meer verandering. Vlaanderen ligt bijvoorbeeld in een waterstressgebied. Tijdens het congres Watervisie 2021 vertelde operations manager utilities Jürgen Moors op welke manieren er nog meer duurzaam met water wordt omgegaan.

Water wordt bij BASF op verschillende manieren gebruikt. In processen zelf kan het dienen als scheidingsstof of als een soort oplosmiddel. Wat veel mensen volgens Moors niet weten is dat het in de chemie de grootste waarde heeft als energiedrager. ‘Het kan een energiedrager zijn op het gebied van warmte, in de vorm van stoom en calorieën. Of het kan dienen als koelwater.’De Verbundsite van BASF in Antwerpen, waar 56 fabrieken staan, leent zich goed om zo weinig mogelijk verliezen van water te realiseren. Dat doet het chemiebedrijf met behulp van cascadering. Moors heeft er drie voorbeelden van.

Koelwater

Het eerste gaat over koelwater. Dat pompt BASF op uit een dok. Dat water heeft, in een normale lente of zomer, een temperatuur van 20 tot 25 graden. ‘Dat water brengen we naar bedrijven die hun warmte kwijt moeten’, legt Moors uit. ‘Zij verhogen de koelwatertemperatuur naar 25 tot 30 graden. Daarna transporteren we het water naar bedrijven die een hoger warmteniveau hebben. Zij verwarmen het water uiteindelijk tot 35 of 40 graden. Vervolgens koelen we het in een koeltoren af om het opnieuw in te kunnen zetten. Op deze manier kunnen we het koelwater een aantal keer achter elkaar gebruiken.’

Stoom

Hetzelfde principe past het chemiebedrijf toe bij stoom. Moors: ‘Stoom produceren we bij bedrijven die warmte op een hoog niveau produceren. Dan hebben we het over meer dan honderd bar. Vervolgens gaan we in verschillende cascades naar beneden zodat bedrijven de warmte in kunnen zetten op het niveau dat ze nodig hebben. Zo link je eigenlijk alles aan elkaar.’

Afvalwater

Ook bij afvalwater gebruikt BASF weer cascadering. ‘Afvalwater van het ene bedrijf bevat soms wel verontreinigingen, maar die storen absoluut niet in het proces van een ander bedrijf. Dat water transfereren wij ook weer via een cascade voordat we het naar onze waterzuivering brengen.’

‘We hebben gekozen voor een technologie op basis van membranen om zeker te zijn dat we die stap altijd kunnen zetten.’

Jürgen Moors, manager utilities BASF Antwerpen

Het zijn drie voorbeelden van hoe BASF op het moment werkt aan waterduurzaamheid. In de toekomst wil ze nog meer doen. Daarom bouwt ze bijvoorbeeld met Evides Industriewater aan een nieuwe demiwaterfabriek. In het ontwerp van de demiwaterinstallatie is ingezet op het optimaliseren van het proces door hergebruik van verschillende waterstromen uit de productie en gebruik van restwarmte uit condensaat. Dit resulteert in efficiënter watergebruik en een lagere energie- en chemicaliënverbruik. Moors: ‘We hebben gekozen voor een technologie op basis van membranen om zeker te zijn dat afhankelijk van de richting die we uitgaan, we die stap altijd kunnen zetten.’

Met de membraantechnologie zet BASF nu al een stap naar zuiverder water. In de toekomst moet de techniek ook de kern zijn om andere bronnen aan te boren door bijvoorbeeld nog een extra stap voor of na te schakelen. De bouw van de fabriek is momenteel bezig. De verwachting is dat Evides in het voorjaar van 2022 het eerste water zuivert.

Grens

Daarnaast kijkt BASF naar andere mogelijkheden zoals het samenwerken met andere partijen in de omgeving op het gebied van water. Moors: ‘Er is al een pijpleidingennetwerk voor andere producten zoals stikstof en waterstof. Ik denk dat we meer en meer naar een maatschappij evolueren waar ook deze aspecten worden onderzocht. Denk maar aan CO2 dat ook een van de parameters is. Ik denk dat dat ook de toekomst voor water is. In de Antwerpse haven wordt er al naar gekeken om op de middellange termijn die richting op te bewegen en waarom zouden we de grens niet oversteken op termijn?

Centrale Afvalwaterzuivering Botlek

Evides Industriewater is Centrale Afvalwaterzuivering Botlek (CAB) aan het opstarten. Dat vertelde directeur Jan Robert Huisman. De CAB staat op het terrein van Huntsman in de Botlek, waar verschillende ondernemingen uit de petrochemische chemie zijn gevestigd. ‘Het is complex afvalwater’, zegt Huisman. ‘Maak maar eens van die complexe soep schoon afvalwater dat je netjes kunt lozen.’

water

Jan Robert Huisman, Evides Industriewater

Duurzaamheid speelt bij elk project een grote rol voor Evides. ‘Circulariteit is altijd ons uitgangspunt’, zegt Huisman. ‘Maar dat is niet iets dat je vaak in de volle breedte in één keer kunt ontwikkelen. Soms moet dat stap voor stap. Bij de CAB is het al een hele uitdaging dat de installatie goed draait. Dus we beginnen om hem goed in te regelen en te zorgen dat we aan de vergunning voldoen. Vervolgens zijn er natuurlijk nog mogelijkheden om hergebruik toe te passen.’

Niet al het afvalwater hoeft bijvoorbeeld direct naar de zuivering. Dat zie je bij BASF. Huisman neemt stoomcondensaat als voorbeeld. ‘Vaak is het de gewoonte om dat via het riool naar de zuivering te laten lopen. Maar het is relatief schoon water dat je met een vrij eenvoudige techniek op specificatie kunt brengen. Dat ontlast de zuivering, maakt de investering lager en je bent sneller circulair. Je moet meer naar het totale system kijken.’

De nominatiefilm van het project Ducam is klaar. Zetmeel- en eiwittenproducent Royal Avebe en Wafilin hebben een filtratie-installatie gebouwd in Ter Apelkanaal. Dat haalt 400 miljoen liter proceswater uit de aardappelen zelf. Daarmee wordt bovendien dertig procent energie bespaard en vijf procent meer eiwitten uit aardappelsap gewonnen.

Op 11 februari dingen Avebe en Wafilin mee naar de Water Innovator 2021, tijdens Watervisie 2021 Online, vanuit Paleis Soestdijk. Andere finalisten zijn Mid Mix en Mezt. Inschrijven voor de livestream is kosteloos.

Stemmen

Vanaf donderdag 4 februari kan er via internet worden gestemd op de drie finalisten. Daarmee worden twintig van de honderd punten verdeeld. De andere punten kunnen ze bemachtigen via de juryleden (60) en het stemmen tijdens de livestream (20).

 

Hét industriewatercongres Watervisie gaat in 2021 door als online evenement. Via een live talkshow vanuit de Oranjerie van Paleis Soestdijk discussiëren we donderdag 11 februari met de koplopers over de waarde van water. Want hoewel de coronacrisis momenteel alle aandacht vraagt, investeren steeds meer bedrijven in verduurzaming van hun productieareaal. Water speelt daar een sleutelrol in. Schrijf dus snel in, deelname is kosteloos.

De gevolgen van klimaatverandering worden steeds meer zichtbaar. Als reactie hierop passen overheden hun beleid aan en nemen bedrijven duurzaamheid steeds explicieter op in hun strategische doelen. Om de ecologische voetafdruk te verkleinen, verduurzamen bedrijven hun energievoorziening en sluiten ze de industriële grondstoffenkringloop. Water heeft in deze strategie, als grondstof en medium, nog meer waarde.

In de transitie naar een duurzame en circulaire industrie spelen industrie- en afvalwater een belangrijke rol. Steeds meer partijen weten de bron van energie en grondstoffen te ontginnen. Tijdens Watervisie 2021 discussiëren we via een live online talkshow over de huidige en toekomstige (on)mogelijkheden van water mining. Maar ook over de waarde van water als grondstof, energiedrager en koelmiddel.

Met tafelgasten uit de procesindustrie, industriewaterexperts en beleidsmakers belooft Watervisie 2021 spectaculairder dan ooit te worden.

Live talkshow

Dit jaar zenden we live uit vanaf de Oranjerie van Paleis Soestdijk. In twee talkshows bespreken we het heden en de toekomst van onder andere water mining. U kunt online actief meediscussiëren. Bovendien biedt de NetwerkApp voldoende mogelijkheden om na te praten over de congresthema’s of met elkaar in contact te komen tijdens een virtuele borrel.

Schrijf hier in voor het gratis evenement

Water Innovator of the Year

Ook dit jaar zoeken we de Water Innvator of the Year. Wie is de opvolger van waterinvesteringsalgoritme AquaVest? Onderdeel van het Watervisie congres zijn de pitches van drie vooruitstrevende waterinnovators.

Noteer vast in uw agenda

Wat: Watervisie: De waarde van water

Live Talkshow vanuit Oranjerie Paleis Soestdijk

Wanneer: Donderdag 11 februari 2021, 13.00 tot 15.15

Met voorprogramma van 10.00 tot 11.55 uur

Waterschap Limburg nam afgelopen week een ontwerpbesluit voor een nieuwe waterwetvergunning voor Sitech. Dat bedrijf zuivert het afvalwater van de chemiebedrijven op Chemelot, voor lozing op de Maas. In december hoopt het Waterschap een definitief besluit te nemen. Dan kan een roerig proces positief worden afgesloten. 

Het besluit ligt de komende zes weken ter inzage. Bestuurder Josette van Wersch van het Waterschap stelt dat een nieuwe vergunning voor Sitech een flinke stap dichterbij komt: ‘De afgelopen jaren hebben we met alle betrokken partijen intensief samengewerkt om tot dit ontwerpbesluit te kunnen komen. Een eerdere aanvraag in juni 2019 was onvolledig. Dit voorjaar heeft Sitech wel de benodigde gegevens aangeleverd. Ik ben blij dat er nu een ontwerpbesluit is.’

Commotie

Vlak voordat Nederland in maart in een zachte lockdown ging, haalde Sitech het nieuws met een nieuwe aanvraag bij het Waterschap Limburg voor een lozingsvergunning. Het bedrijf is beheerder van de waterzuiveringsinstallatie op industriepark Chemelot. Het ontvangt de afvalwaterstromen van de productiebedrijven om die te zuiveren voordat er op de Maas wordt geloosd. In september 2019 ontstond commotie over die aanvraag, omdat Sitech een nieuwe vergunningaanvraag niet op tijd rond kreeg. Uiteindelijk werd de oude vergunning verlengd en kreeg Sitech tot 17 maart de tijd de aanvraag alsnog in orde te maken.

Voortouw

De vergunningaanvraag is veel uitgebreider dan voorheen. Het is zelfs een van de meest complexe in zijn soort in Europa. Voor de nieuwe vergunning moest voor elk stofje een aparte norm worden vastgesteld, om nu en in de toekomst natuur en drinkwaterwinning niet in gevaar te brengen. De nieuwe vergunning bevat 627 stoffen, waarvan voor zo’n vierhonderd nog nooit normen zijn vastgesteld.

Daarmee lijkt Sitech op dit vlak nationaal en zelfs internationaal het voortouw te nemen. Een indrukwekkende inhaalslag, want vijf jaar geleden zat het bedrijf in het beklaagdenbankje. In 2015 zijn waterleidingbedrijven enige tijd gestopt met het innemen van drinkwater uit de Maas. Er zat toen te veel pyrazool in het water. De stof kwam via de waterzuivering van Sitech in de rivier terecht.

Zeven jaar

Om tot het recente besluit te komen heeft Waterschap Limburg naast eigen adviseurs ook externe deskundigen ingeschakeld van onder andere het RIVM. Het RIVM bracht de waterbezwaarlijkheid van de te lozen stoffen in kaart. De nieuwe vergunning is gericht op het verder reduceren van de lozing en op verdere kwaliteitsverbetering van het oppervlaktewater.

Nu het ontwerpbesluit gepubliceerd is, kunnen partijen de komende weken eventuele zienswijzen indienen. Na de periode van inzage wordt de vergunning procedureel afgehandeld. Het waterschap denkt in december 2020 een definitief besluit te nemen. De nieuwe vergunning gaat dan per 1 januari 2021 in, met een looptijd van zeven jaar.

Rioolwater is geen afval meer, maar een bron van grondstoffen. Naast fosfaat komt nu ook een tweede herwonnen component uit gezuiverd rioolwater daadwerkelijk op grote schaal op de markt: Kaumera Nereda Gum. In Zutphen draait de eerste demo-fabriek al. En een tweede in Epe begint in het voorjaar van 2020 met de productie van de grondstof.

Kaumera Nereda Gum is een veelzijdig alternatief voor chemische grondstoffen. Het kan water afstoten maar ook absorberen en het is brandvertragend. Verder is het heel geschikt voor coatings en composietmaterialen. Door het te combineren met andere grondstoffen, verandert het karakter van de stof. Vandaar ook de naam Kaumera, dat ‘kameleon’ in het Maori betekent.

Kaumera komt als eerste voor land- en tuinbouwtoepassingen op de markt. Het kan bijvoorbeeld worden gebruikt als slimme coating voor zaden en mestkorrels. Kiemplantjes kunnen hierdoor sneller ontwikkelen en zijn minder kwetsbaar voor ziekten. En als coating voor mestkorrels geven ze de mest gelijkmatiger af aan de gewassen. Zo komt er niet onnodig veel mest in het water of de bodem terecht.

Maar er zijn vele andere toepassingen mogelijk. Wanneer je Kaumera als coating op beton verwerkt, zorgt dit ervoor dat het beton niet uitdroogt tijdens het uitharden. Hiermee voorkomt het scheuren. Ook kan het fungeren als bindmiddel en lijmmiddel. Verder kun je het goed combineren met andere grondstoffen, waardoor een composiet-materiaal ontstaat.

Minder slib

Door Kaumera uit het gezuiverde slib te halen, hoeft in Zutphen 20 tot 35 procent minder slib te worden afgevoerd en vernietigd. Mede daardoor vermindert het energiegebruik met dertig tot tachtig procent, afhankelijk van de toepassing. De CO2-uitstoot vermindert met 113 ton per jaar.

Kaumera is het resultaat van intensieve samenwerking tussen TU Delft, ingenieursbureau RoyalHaskoningDHV, Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer (STOWA), Waterschap Vallei en Veluwe, Waterschap Rijn en IJssel en het biotechnologiebedrijf ChainCraft. Iedere partner heeft een deel van de kennis en expertise ingebracht voor het onderzoeken, ontwikkelen, produceren en op de markt brengen van de grondstof.

DuPont neemt de ultrafiltratie membraan activiteiten van BASF over. De financiële details van de overeenkomst zijn niet bekendgemaakt. Naar verwachting zal de transactie eind 2019 rond zijn.

DuPont heeft al een brede portefeuille op het gebied van waterzuiverings- en scheidingstechnologieën, waaronder ultrafiltratie, omgekeerde osmose en ionenwisselingsharsen. En dat is ook nodig om de uitdagingen van klanten op te kunnen lossen, stelt HP Nanda, global vice president en general manager van DuPont Water Solutions. ‘De in de industrie toonaangevende multi-capillaire PES ultrafiltratietechnologie van BASF is een mooie aanvulling op onze eigen PVDF technologie voor grote doorstroming en dat biedt onze klanten meer keuze.’

Voor BASF is de verkoop van de activiteiten een logische stap. De synergiën met BASF zijn zeer beperkt, stelt Anup Kothari, president van Performance Chemicals bij BASF. ‘De overname door DuPont, een strategische koper, biedt de Ultrafiltration Membrane business een sterk potentieel om waarde te creëren. Bovendien stelt het de business in staat om naar een volgend niveau door te groeien.’

Tijdens de huidige aardappelcampagne neemt Avebe een nieuwe filtratie-installatie in gebruik in Ter Apelkanaal.  ‘Daarmee besparen we 23 procent energie op deze locatie. Bovendien komt 400.000 kuub proceswater straks uit de aardappelen zelf,’ stelt operations-directeur Mark Tettelaar.

Aardappelen bestaan bijna voor tachtig procent uit water. Eerst haalt Avebe het zetmeel eruit. Vervolgens ook de vezels, die momenteel vooral richting veevoeder gaan. Rest daarna het zogenoemde vruchtwater, nog steeds dus ongeveer tachtig procent van de aardappel. Dat bevat onder andere eiwitten en aminozuren. Vooral die eiwitten hebben nu al veel waarde als voeding en voeder.  Nu nog wordt al het water aan de kook gebracht met stoom, wat heel veel energie kost. Daarna wordt het verhitte, gecoaguleerd eiwit gewonnen, Ofwel in vaste vorm, zoals het wit in een gekookt ei.

Omgekeerde osmose

In de nieuwe installatie wordt indampen vervangen door filtratie. Eerst gaat het vruchtwater door een ultrafiltatie-eenheid. Tettelaar: ‘Daarmee wordt de stroom al met een factor drie ingedikt. Het concentraat wordt vervolgens verhit, waarna we de gecoaguleerde eiwitten uitvlokken en afgescheiden worden.’

De oplossing, ofwel het permeaat, die dan overblijft wordt weer samengevoegd bij de eerdere reststroom. Vervolgens gaat die stroom door een installatie met omgekeerde osmose, dat nog fijner kan filteren dan ultrafiltratie. Daar komt schoon proceswater uit.

Subsidie

De terugverdientijd van dit zogenoemde Ducan-project is ongeveer zeven jaar. Dat is fors voor een commerciële organisatie. ‘Natuurlijk speelt mee dat de overheid ook stappen van ons verlangt. Dus we moeten wel op zoek naar energiebesparende maatregelen.’ Maar het was niet alleen de druk van de overheid. Avebe wil verduurzaming kracht bijzetten met harde doelstellingen op energie- en waterreductie. Uiteindelijk leidt energiebesparing bovendien tot lagere kosten. ‘Het heeft natuurlijk ook geholpen dat we voor Ducam een subsidie van het ministerie EZK in het kader van DEI hebben gekregen van ruim drie miljoen euro.’

Eemsdeltavisie

Binnenkort meer over de stappen die Avebe doet in de komende edities van Utilities en Petrochem. Tijdens Eemsdeltavisie geeft Mark Tettelaar een virtuele rondleiding in de nieuwe installatie. Eemsdeltavisie 2019 wordt dit jaar georganiseerd met Behind the Scenes van de VNCI op 16 oktober in Delfzijl. Thema: Natural Steps.

Waterschap Brabantse Delta gaat de afvalwaterpersleiding (AWP) die het afvalwater van industrieterrein Moerdijk en 35 dorpen en steden in West-Brabant transporteert naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie in Bath vernieuwen en renoveren. Hiermee wordt een stap gezet in het toekomstbestendig maken van het afvalwatertransport in West-Brabant.

De afvalwaterpersleiding (AWP) is een uniek systeem, niet alleen door de omvang van het leidingstelsel maar ook vanwege de afstand die het afvalwater aflegt. Dit is maar liefst zestig kilometer.

Om het transport van het afvalwater ook in de toekomst goed te regelen, heeft waterschap Brabantse Delta besloten om de AWP te renoveren en gedeeltelijk te vernieuwen. De persstations bij Roosendaal, Bergen op Zoom en Bath zijn hierin onmisbare onderdelen. Hier staan de pompen die het afvalwater verpompen naar de rioolwaterzuivering in Bath. Door goed transport kan het afvalwater afgevoerd worden en komt het niet ongezuiverd in de sloten terecht.

De verdubbeling van de leiding vanaf kruispunt A4 – A58 tot de waterzuivering in Bath is het tweede belangrijke onderdeel. Met deze verdubbeling kan het leidingensysteem het afvalwater nu en in de toekomst snel genoeg verwerken en kan het waterschap (blijven) voldoen aan de capaciteitsvraag van de gemeenten.

Om de persstations te renoveren heeft waterschap een overeenkomst gesloten met aannemer PAUW. Voor het verdubbelen van het stuk leiding is een overeenkomst gesloten met aannemer GW Leidingtechniek. De aannemers beginnen dit najaar met de voorbereidingen, zodat de uitvoering midden 2019 kan starten.