Samenwerking wordt steeds belangrijker om de veiligheidscultuur in procesindustrie op een hoger niveau te brengen. Bij de eerste verkiezing van de Veiligheidscoalitie van het Jaar bleek dat de chemie op dat vlak wat kan leren van de olie- en gasindustrie.

Volgens professor Genserik Reniers staan we aan de vooravond van een fundamentele verandering op het gebied van veiligheid in de industrie. In het maartnummer van Petrochem stelt hij dat, onder druk van de samenleving, samenwerking steeds belangrijker wordt. Hoewel hij nog te weinig goede voorbeelden van proactieve strategische samenwerking kan noemen, ziet hij dat in Nederland de eerste stapjes worden gezet. Zo is hij positief over de Roadmaps Duurzame Veiligheid 2030.

‘In de Vlaamse industrie zie ik dat helaas nog niet gebeuren. Een positieve uitzondering is misschien het safety-cluster in Zwijndrecht, maar dat is vooral ook reactief geïnspireerd. Als Vlaming durf ik rustig te stellen dat de Nederlandse cultuur ontvankelijker is voor verandering, of om ideeën sneller uit te proberen. In de open debatcultuur met de mondige burgers die Nederland heeft, is ook altijd al meer aandacht geweest voor veiligheid dan in Vlaanderen. Nu de maatschappij veel meer sturend wordt, versterkt dat alleen maar.’

Bovendien en misschien wel daardoor is Nederland één van de landen met een grote risico-aversie in de wereld. ‘Dat helpt natuurlijk ook.’

Human element

Ook topman van Dow Benelux Anton van Beek, tevens voorzitter van Veiligheid Voorop, zet zwaar in op samenwerking. Dat begint al bij de doelstelling van Veiligheid Voorop, het samenwerkingsverband van de industriële brancheorganisaties op het gebied van veiligheid. Twee van de vier pijlers van het programma zijn direct gericht op samenwerking. Dat zijn veiligheid in de keten en regionale veiligheidsnetwerken. En de andere twee pijlers, betrokken leiderschap en excellente veiligheidsbeheersystemen. Van Beek: ‘We hebben een horizontale opdracht. We willen de veiligheid in de hele procesindustrie verbeteren. Alleen daarvoor is al veel samenwerking nodig. Daarom is het ook zo belangrijk om een hoge aansluitingsgraad van bedrijven te hebben. Daar slagen we steeds beter in.’

De regionale veiligheidsnetwerken krijgen ook steeds meer vorm. Transparantie en lerend vermogen zijn daarbij heel belangrijk, stelt Van Beek. ‘Per cluster worden inmiddels best practices uitgewisseld. En uiteindelijk is het belangrijk dat informatie ook landelijk wordt gedeeld. Bij Dow in Terneuzen willen we ook leren van wat er bij AkzoNobel in Delfzijl gebeurt en andersom. En dan gaat het niet alleen om wat er goed of beter gaat, maar ook de near misses. Wat ging er net niet fout? Daar kunnen we veel van leren. De human element is daar heel belangrijk bij. Veel incidenten hebben met menselijk handelen te maken.’

Selectiecriterium

Bij de pijler veiligheid in de keten is de samenwerking met contractors heel belangrijk. Van Beek: ‘Meer en meer besteden we uit aan contractors. Vroeger deden we al het onderhoud zelf. Contractors komen met geweldige innovaties. Vroeger moest een tank helemaal leeg voor onderhoudswerkzaamheden. Tegenwoordig kunnen er in situ kleine onderzeeërs worden ingezet. Net als de opkomst van zelfrijdende auto’s, zullen zich op dit vlak steeds meer technologische innovaties aandienen. Samenwerking met contractors wordt daardoor nog belangrijker.’

Bij die samenwerking zal veiligheid steeds meer een selectiecriterium worden. ‘Een issue bij een contractor wordt een asset owner net zo hard aangerekend als een eigen incident. Daarom kijken opdrachtgevers nadrukkelijk naar de safety performance, voordat ze met een aannemer in zee gaan.’

Waardige finalisten

Om nog meer van elkaar te leren op het gebied van samenwerking, is bij Anton van Beek vorig jaar het idee ontstaan om een nationale veiligheidsprijs in het leven te roepen. Vooral om inspirerende voorbeelden in het spotlicht te zetten. Waar de hele industrie en toeleveranciers van kunnen leren. En ze te inspireren nog meer samen te werken om de veiligheidscultuur te verbeteren. Voor de ‘VeiligheidsCoalitie van het Jaar’ zocht Veiligheid Voorop samenwerking met Industrielinqs, uitgever van onder andere Petrochem en iMaintain.

tekst gaat verder onder de afbeelding

Winnaar VeiligheidsCoalities of the Year 2018: HSElife (c)Industrielinqs

Inmiddels is de eerste verkiezing geweest met drie waardige finalisten. Uiteindelijk is op 11 april tijdens de beurs Safety&Health@Work in Rotterdam Ahoy HSElife verkozen tot Veiligheidscoalitie van het Jaar 2018. HSElife ziet het als haar taak een dalende trend in te zetten van het aantal incidenten dat jaarlijks plaatsvindt in de olie- en gasindustrie. De coalitie liet de andere finalisten, de RDM Training Plant en de coalitie van Vopak, Verwater en Sam Safety achter zich.

Terneuzen

De in totaal dertien inschrijvingen laten zien dat samenwerking op het gebied van veiligheid in ieder geval hoog op de agenda staat. En ook in alle grote industrieclusters. Zo zijn op en rond het Chemiepark Delfzijl verschillende samenwerkingsinitiatieven. AkzoNobel en Stork hebben daar bijvoorbeeld het initiatief genomen voor een Site Contractor Panel, waarin zowel een aantal hoofdaannemers als opdrachtnemer en AkzoNobel als opdrachtgever zitting hebben. Het doel van het panel is dat ketenpartners steeds beter samenwerken en gezamenlijk het doel van nul incidenten gaan halen.

Soortgelijke initiatieven zijn er ook in Terneuzen en op Chemelot in Geleen. De Verenigde Maintenance Partners is een samenwerking tussen achttien contractorfirma’s die allemaal werkzaam zijn op de Dow site in Terneuzen. Naast allerlei andere initiatieven is vorig jaar een project gestart om de veiligheid van medewerkers en contractors te verhogen, de Safety Street. In deze interactieve ‘straat’ worden medewerkers van Dow én alle contractorfirma’s getraind op hun kennis van veiligheidsprocedures.

Europoort

Op Chemelot is chemiebedrijf Sabic in 2010 een samenwerking begonnen met dertig contractors. Belangrijkste elementen zijn eigenaarschap, transparantie en gelijkwaardigheid. Om dit goed te laten verlopen zijn er regelmatig overleggen op verschillende niveaus.

Rotterdam leverde de eerste editie van de verkiezing zelfs twee finalisten. De RDM Trainingsplant en een samenwerking van Vopak, Verwater en Sam Safety op het gebied van digitaal leren. De RDM Training Plant is een real life trainingsfaciliteit in Rotterdam waar toekomstige en huidige medewerkers in de procesindustrie trainen. Ze leren in de beroepspraktijk volgens de hoogste en meest actuele veiligheidseisen te werken. Voor de bouw van de trainingsplant was 4,5 miljoen euro nodig en daar hebben verschillende partijen, waaronder industriële bedrijven, toeleveranciers en onderwijsinstellingen aan bijgedragen. De plant zorgt er ook voor dat het onderwijs nog beter aansluit op de praktijk. En de faciliteit een goede plek waar innovaties zijn te zien en te testen. Denk bijvoorbeeld aan het Digitale Safety Passport. Die wordt ook bij de trainingsplant toegepast zodat alleen de juiste personen met de juiste kwalificaties op de plant aanwezig zijn.’

De andere Rotterdamse finalist is veel minder omvangrijk, maar zeker ook een lichtend voorbeeld. Tankopslagbedrijf Vopak heeft samen met dienstverlener Verwater groot onderhoud uitgevoerd aan twee opslagtanks in de Europoort.

Om iedereen goed voor te bereiden op de werkzaamheden is er gezocht naar een innovatieve manier om veiligheidsregels en projectinformatie bij de medewerkers te trainen. Samen met online leerplatform Sam Safety zijn daarom specifieke trainingen ontwikkeld. Elke week volgen medewerkers een training op een iPad.

Juryoordeel

Uiteindelijk is HSElife tot winnaar uitgeroepen. De jury liet weten onder de indruk te zijn van HSElife, een platform voor onder andere de harmonisatie van regels, procedures en voorschriften in de olie- en gasindustrie.

Vooral de grote betrokkenheid en commitment van de industriële partijen, is indrukwekkend. Juryvoorzitter Gerard van Harten: ‘Met meerderheid van stemmen worden besluiten genomen en iedereen committeert zich aan de beslissing. En ook de inhoud van het trainingssysteem staat op een hoog niveau.’ Een belangrijk aspect is het continue leren – herhaling is immers de kracht van de boodschap – en volgens de jury wordt de lesstof op een aantrekkelijke manier gepresenteerd aan de deelnemers. Van Harten: ‘De jury vindt dit een uitstekend voorbeeld voor de gehele industrie, dus niet alleen de olie- en gaswereld.’

Dark horse blijkt Black Beauty

De eerste verkiezing van de Veiligheidscoalitie van het Jaar heeft een voor velen onbekende winnaar opgeleverd. Toch wel opvallend dat HSElife buiten de olie- en gasindustrie nauwelijks bekendheid heeft. Te meer omdat de aanpak ook prima bruikbaar is voor onder andere de chemische industrie. Mogelijkheden voor een vliegende start?

Het is aan de vakjury, die de drie finalisten ook heeft bezocht, dat de dark horse uiteindelijk tot winnaar werd uitgeroepen.. De jury mocht zestig van de honderd punten uitdelen. Met internetstemmen en stemmen in de zaal konden de finalisten bij elkaar veertig punten verdelen. Met de extra informatie uit de gesprekken kwam de jury tot een ander oordeel dan de zaal en de internetstemmers.

HSElife is in 2009 geboren vanuit de overtuiging dat harmonisatie van regels, voorschriften en procedures over veiligheid, gezondheid en milieu in de olie- en gasindustrie noodzakelijk is. Initiatiefnemers van deze ontwikkeling zijn de The WAT Group (Working apart Together), Centrica en Shell/NAM. De coalitie bestaat op dit moment uit elf maatschappijen, tachtig contractors en acht ondersteunende organisaties.

Eenheid
HSElife ziet het als haar taak een dalende trend in te zetten van het aantal incidenten dat jaarlijks plaatsvindt in de olie- en gasindustrie. Om dit te bereiken, zijn door het platform informatie en trainingen ontwikkeld met behulp van input van alle betrokken partijen. Implementatie hiervan moet ervoor zorgen dat iedere organisatie binnen de olie- en gasindustrie op vrijwel dezelfde wijze omgaat met HSE-informatie, zodat een eenheid kan ontstaan en incidenten afnemen.

Om direct te kunnen schakelen met de maatschappijen en contractors heeft HSElife een aantal belangrijke communicatietools ontwikkeld. Ook organiseert het platform twee keer per jaar evaluatiesessies voor alle organisaties, zodat nieuwe informatie kan worden uitgewisseld. Verder biedt het platform trainingsmodules en opfriscursussen in diverse talen, worden er regelmatig campagnes gehouden en is er een speciale academie opgezet.

Volgens initiatiefnemer Pier van Spronsen zijn alle tools prima leeg te halen en opnieuw te vullen met nieuwe inhoud, specifiek voor bijvoorbeeld de chemische industrie. Mogelijk dat het winnen van de Veiligheidscoalitie van het Jaar daar een springplank voor kan zijn.

Geestig is het toch zeker. Onlangs heb ik het boek Proactieve Coalities er maar eens bij gepakt, dat Henk Leegwater en ik in 2006 schreven. Over vruchtbare samenwerkingsvormen in de industrie en met name de chemie in Vlaanderen en Nederland. Voor ons congres Watervisie hebben we het aangedurfd om het thema Proactieve Coalities te kiezen. Als moderator is het altijd goed om je inhoudelijk voor te bereiden. Al is het met je eigen boek. En ik moet zeggen dat het me allemaal niet meer honderd procent bijstond.

Het is haast verwarrend om je eigen pennenvruchten met enige afstand, die de tijd toch schept, te consumeren. Het veroorzaakt sowieso een stroom aan gedachten. ‘Heb ik dat geschreven?’…‘Zo, die durft!’ Afgewisseld met gepaste trots. ‘Duidelijk voor de muziek uit, nu pas komen een paar concepten tot ontwikkeling.’ En, ‘Jee, het klopt nog steeds.’

Toen ik een van de hoofdstukken doornam, stuitte ik op de naam Genserik Reniers. Nou ja! Ik had de veiligheidshoogleraar die ik onlangs voor het eerst heb ontmoet, toen al geciteerd in ons boek. En wel uit zijn promotieonderzoek van 2006.

Voorzienigheid

Genserik Reniers trapte eind januari onze collegereeks Plant Management Next af. En ik moest natuurlijk bij dit heuglijke en historische feit zijn. Ik heb dan ook 3,5 uur lang geboeid naar Reniers geluisterd. Zonder dat het maar even in me opkwam dat ik zijn ideeën al veel eerder had ‘ontmoet’ en zelfs geciteerd. Reniers en ik besloten na het college dat er een interview moest komen in Petrochem. We maakten een afspraak voor een paar weken later. En precies in die tussentijd nam ik ons boek van 2006 ter hand en stuitte dus op zijn naam. Geestig toch?

Toen ik hem dat tijdens het interview bij de TU Delft vertelde, keek hij me eerst met een schuin oog aan. ‘Maar dan ben jij dus de schrijver van dat boek waarnaar ik ook meerdere malen heb verwezen.’ Hij haalde een boek uit zijn kast, maar kon nog niet direct een verwijzing vinden. Maar die zijn er echt, verzekerde hij.

Bijzonder is het! Je kent een deel van elkaars gedachtegoed zonder dat je elkaar ooit hebt gezien of gesproken. Sterker nog, je hebt elkaar wederzijds beïnvloed en komt elkaar meer dan een decennia later voor het eerst tegen, zonder het in eerste instantie op te merken.

Je gaat bijna in de voorzienigheid geloven, want de ideeën van toen lijken nu daadwerkelijk wortel te schieten. Op het gebied van samenwerking, op het gebied van veiligheid en proactieve vormen van risicocommunicatie. En ook proactieve coalities om innovatie in industriële ketens aan te zwengelen. Op naar een nog veel veiligere en carbon positieve industrie.

Maatschappelijke druk

Juist in het huidige tijdsgewricht krijgen ideeën van toen reële vormen. Misschien gedwongen door de maatschappelijke zucht naar transparantie, zeker als het gaat om veiligheid. Reniers in deze editie: ‘Hoe veiliger alles is, des te groter de behoefte aan nog meer veiligheid. Dat lijkt misschien een paradox, maar ik vind het evident. Zeker in een tijd waar transparantie veel belangrijker aan het worden is en veel meer informatie beschikbaar is.’

Maar ook op het gebied van verduurzaming en innovatie. Niet alleen doordat de maatschappelijke druk toeneemt, maar ook doordat de digitalisering ons nieuwe mogelijkheden biedt. Nieuwe oplossingen dienen zich aan, maar we moeten ze wel zien en we moeten bereid zijn om proactief samen te werken, om verder te komen.

Mocht u ons boek Proactieve Coalities eens willen doorbladeren, dan kan dat inmiddels digitaal. Verzin er graag wel nieuwe voorbeelden bij!

Reageren? Via de mail: wim@industrielinqs.nl
of via Twitter : @wimraaijen