Gasunie, Fluxys en North Sea Port werken samen om de toekomstige Nederlandse en Belgische waterstofnetwerken in het havengebied met elkaar te verbinden. Als de afzonderlijke netwerken in 2026 operationeel zijn worden ze op de grens aan elkaar gekoppeld.

In nauwe samenwerking met de industrie zijn Fluxys en Gasunie aan weerszijden van de grens de aanleg van een waterstofnet met open toegang aan het voorbereiden. Alle bedrijven kunnen dus op de infrastructuur aansluiten. De twee netwerken worden in het havengebied op de Nederlands-Belgische grens aan elkaar gekoppeld.

De aansluiting tussen beide waterstofnetten komt in het Nederlandse Sas van Gent en het Belgische Zelzate. De leidingen voor het waterstofnetwerk komen vooral in bestaande leidingstroken te liggen, zodat de impact op de omgeving tot een minimum beperkt blijft.

Groot achterland

Als de netwerken in 2026 operationeel zijn en aan elkaar gekoppeld, ontstaat één van de eerste grensoverschrijdende netten voor waterstof met open toegang in Europa. De verbinding zal de bedrijven in het zestig kilometer lange havengebied van waterstof voorzien: van Vlissingen en Terneuzen in Nederland tot in Gent in België. De aansluiting van de havenregio op de landelijke waterstofinfrastructuur in Nederland en België geeft bedrijven ook toegang tot een groot achterland, andere industrieclusters en havens in Europa.

Duits-Nederlandse waterstofmarkt

Onlangs braken het Duitse onderzoeksinstituut Forschungzentrum Jülich, het Duitse energieagentschap Dena en TNO na een haalbaarheidsstudie al een lans voor een gemeenschappelijke Duits-Nederlandse waterstofmarkt. Deze kan tegen 2050 uitgroeien tot zeven maal de huidige omvang.

De onderzoekers stelden een backbone van ruim vijfduizend kilometer leidingen voor, voorzien van maximaal 7,1 miljoen ton waterstof die wordt geproduceerd met offshore windenergie. Om vraag en aanbod gedurende het jaar in evenwicht te houden, zou ook import van waterstof nodig zijn en zoutcavernes voor ondergrondse opslag. De onderzoekers denken aan één tot vijf cavernes in 2030, die elk ruimte bieden voor de opslag van ongeveer 250 GWh aan waterstof.

Bestaande aardgasleidingen

Uit het onderzoek bleek ook dat er door grotendeels gebruik te maken van bestaande aardgasleidingen voor het transport van waterstof in Nederland en Duitsland tot 2030 voldoende transportcapaciteit is. Na 2030 zouden er knelpunten kunnen ontstaan in bepaalde gebieden rond importhavens voor waterstof.

North Sea Port onderzocht welke infrastructuur nodig is om de klimaatambities waar te maken. Het aanpassen van leidingen en aanleggen alleen al zou zo’n 110 miljoen euro kosten. De aansluiting op andere systemen kost nog eens 130 miljoen euro. Maar dan kunnen de bedrijven in het havengebied  wel hun jaarlijkse CO2-uitstoot van 22 miljoen ton behoorlijk verminderen.

Het Clean Underground Sustainable Transport (CUST)- project inventariseerde de behoefte aan infrastructuur in het havengebied van Gent en Terneuzen. Grote hoeveelheden groene waterstof, duurzame elektriciteit en het vervangen of nieuw aanleggen van een flink aantal pijpleidingen in North Sea Port zijn de voornaamste aanbevelingen van de onderzoekers.

Een aantal onderzoeksinstellingen onderzocht de uitrol van een grootschalige pijpleidingen infrastructuur in het grensoverschrijdende havengebied van North Sea Port. De leidingen zouden CO2, waterstof, synthetische nafta en warmte moeten transporteren. Die leidingen zijn van belang om in de komende vijf tot dertig jaar de jaarlijkse CO2-uitstoot in het havengebied van bijna 22 miljoen ton te verminderen.

Groene waterstof

Hoewel het afvangen en gebruiken van kooldioxide de voorkeur geniet, is dit niet altijd meteen haalbaar. Als overgangsmaatregel zal de opvang en de opslag van CO2 nodig zijn. De studie is daar heel duidelijk over.

Toch denken de onderzoekers dat CO2 in combinatie met groene waterstof veel oplevert. Om dat te bereiken, zullen de bedrijven in de regio sterk moeten inzetten op de productie van groene waterstof. Tot tweehonderd kiloton in 2030 en een exponentiële groei daarna. Deze groene waterstof zal de huidige waterstofconsumptie op basis van fossiele brandstoffen vervangen.

Maar groene waterstof biedt ook ruimte voor nieuwe, innovatie productieprocessen. Een belangrijk voorbeeld hiervan is het Steel2Chemicals-project waarbij restgassen van de staalfabriek ArcelorMittal worden ingezet als grondstof bij het chemische bedrijf Dow Chemical.

Elektriciteit

Om deze groene waterstof te produceren zijn er eveneens grote hoeveelheden duurzame elektriciteit nodig. Hetzelfde geldt voor de vervanging van aardgas door elektriciteit voor de productie van warmte.

Deze toename is gelijk aan de productie van 2,7 gigawatt op zee in 2030. In vergelijking met de huidige elektriciteitsvraag van de industrie in North Sea Port betekent dit minimaal een verviervoudiging in 2030. Dit vraagt om versterking van het elektriciteitsnet, met name in de Kanaalzone Gent-Terneuzen.

Voor het aanlanden van groene stroom, zal het havengebied ook aansluiting moeten vinden met Nederlandse offshore windparken. Om te voldoen aan de toenemende vraag naar waterstof zullen de bedrijven in het havengebied op termijn ook waterstof moeten importeren.

infrastructuur North Sea Port

North Sea Ports heeft al een uitgebreid leidingensysteem. In de nieuwe configuratie kan het havenbedrijf enkele leidingen hergebruiken. In veel gevallen zijn nieuwe leidingen nodig. Daarbij kan het havenbedrijf wel gebruikmaken van bestaande tracés. De onderzoekers begroten de kosten voor het noodzakelijke netwerk voor het transport van CO2 en waterstof binnen North Sea Port op 110 miljoen euro. Aansluiting buiten het havengebied kost nog eens 95 tot 130 miljoen euro.

North Sea Port liet een studie uitvoeren naar de haalbaarheid, vormgeving en uitrol van een ondergronds transportnetwerk om klimaatambities waar te kunnen maken. De kosten voor alleen al een netwerk van CO2 en waterstof begroot North Sea Port binnen het eigen havengebied op 110 miljoen euro. Daar komt een versterking van het elektriciteitsnet nog bij. Maar minstens zo belangrijk is grensoverschrijdende samenwerking.

Transport van CO2, waterstof, synthetische nafta en warmte zijn nodig om in de komende vijf tot dertig jaar de CO2-uitstoot in het havengebied van bijna 22 miljoen ton per jaar te verminderen. En om de transitie naar een klimaatneutrale industrie tegen 2050 waar te maken. De studie naar de mogelijke uitrol van een grootschalige pijpleidinginfrastructuur levert een aantal aanbevelingen op om dit te realiseren.

Om CO2 te gebruiken en te verminderen, moet die bij bedrijven worden afgevangen en vervolgens worden ingezet als grondstof. Dit heet carbon capture and utilisation, oftewel CCU, en daarvoor is pijpleidinginfrastructuur nodig. CCU is echter niet altijd meteen haalbaar. Als overgangsmaatregel zal de opvang en opslag van CO2 nodig zijn, oftewel carbon capture en storage (CCS). De studie is daar heel duidelijk over.

Groene waterstof

Om de opvang en opslag van CO2 te beperken tot enkele miljoenen tonnen, is de productie van groene waterstof op basis van elektriciteit essentieel. Tot tweehonderd kiloton in 2030 en een exponentiële groei daarna. De industrie kan deze groene waterstof inzetten ter vervanging van de huidige waterstofconsumptie op basis van fossiele brandstoffen en voor innovatieve productieprocessen. Een belangrijk voorbeeld hiervan is het Steel2Chemicals-project. Daarbij gaat Dow Chemical de restgassen van ArcelorMittal inzetten als grondstof.

Elektriciteitsnet

Voor de productie van deze groene waterstof is ook veel duurzame elektriciteit nodig. Hetzelfde geldt voor de vervanging van aardgas door elektriciteit voor de productie van warmte. Deze toename is gelijk aan de productie van 2,7 gigawatt op zee in 2030. Vergeleken met de huidige elektriciteitsvraag van de industrie in North Sea Port betekent dit minimaal een verviervoudiging in 2030, met een verdere groei daarna.

Een versterking van het elektriciteitsnet is daarom cruciaal, met name in de Kanaalzone Gent-Terneuzen. Bovendien is de aansluiting van Nederlandse windparken op zee binnen het havengebied van belang om te kunnen beschikken over voldoende hernieuwbare elektriciteit. Bovendien moet waterstof worden geïmporteerd om te voldoen aan de toenemende vraag.

Pijpleidingen

Er zijn al veel pijpleidingen in het havengebied aanwezig. Enkele leidingen zijn geschikt voor hergebruik, maar in veel gevallen zal sprake zijn van nieuwe leidingen. Wel is het mogelijk veel bestaande tracés te gebruiken. De kosten voor het transportnetwerk van CO2 en waterstof begroot North Sea Port op 110 miljoen euro.

Bovendien is aansluiting van het netwerk buiten het havengebied ook noodzakelijk, in eerste instantie voor CO2- transport. De kosten hiervoor zijn 95 tot 130 miljoen euro. De daadwerkelijke kosten zijn afhankelijk van de timing en de samenwerking met de havenpartners Antwerpen en Rotterdam.

Samenwerking

Sowieso is samenwerking cruciaal om een grensoverschrijdend pijpleidingnetwerk te kunnen realiseren. Enerzijds tussen de overheden over de grens heen zodat de tracés planologisch en juridisch realiseerbaar zijn. Anderzijds moet er een consortium komen tussen industrie, netwerkbedrijven, overheden en North Sea Port. Het platform Smart Delta Resources kan hierin een belangrijke rol spelen.

Het begin is er, want het onderzoek naar de pijpleidinginfrastructuur is al een gezamenlijk initiatief. Deelnemers zijn North Sea Port, de Stad Gent, Smart Delta Resources, de Provinciale Ontwikkelingsmaatschappij Oost-Vlaanderen, de Provincie Zeeland en de ministeries van Economische Zaken en Klimaat (EZK) en Infrastructuur en Waterstaat (I&W) in Nederland.

Bovendien hebben Rotterdam, Antwerpen en North Sea Port al eerder aangekondigd samen CO2 ondergronds te willen opslaan. Ze zijn van plan tot 10 miljoen ton CO2 uit de havengebieden af te vangen en op te slaan in een leeg gasveld. En na 2030 mogelijk meer. Onder de naam CO2TransPorts vragen de drie clusters Europa het project te erkennen als Project of Common Interest (PCI).

Voor het tweede jaar op rij heeft North Sea Port een recordjaar. De bedrijven boeken er een goederenoverslag via zeevaart van 70,3 miljoen ton, een stijging met 5,5 procent ten opzichte van vorig jaar. De groei doet zich in bijna alle segmenten voor.

Bijna de helft van de goederenoverslag die North Sea Port boekt via zeevaart is droge bulk. Die stijgt naar 32,8 miljoen ton (+4,6%). Een sterke bouwmarkt zorgt voor meer overslag van zand, grint en bouwmaterialen. De kolenoverslag – vooral voor de procesindustrie – stijgt licht. Verder gaan landbouwproducten erop vooruit.

De overslag van natte bulk stijgt naar 20,5 miljoen ton (+6,3%) wat vooral te danken is aan een sterke groei van de (petro)chemische sector en biodiesel. De overslag van conventioneel stukgoed komt op 11,8 miljoen ton (+4,5%) door de stijging bij heel wat uiteenlopende soorten goederen. Met een zeer sterke groei van 61 procent komt de containeroverslag via zeevaart op een totaal van 1,7 miljoen ton. Dit is het gevolg van het aantrekken van nieuwe diensten en een toename van koelcontainers. Enkel ro/ro daalt licht tot 3,5 miljoen ton (-3,4%).

Binnenvaart

Naast de zeevaart, kent ook de binnenvaart een recordjaar. De binnenvaart kent een toename van 2,5 procent wat het totaal op 58 miljoen ton brengt.
Met een overslag via zeevaart van 70,3 miljoen ton en via binnenvaart van 58 miljoen ton boekt North Sea Port in 2018 een totale overslag van 128,3 miljoen ton. Bovendien mag er nog 10 tot 12 miljoen ton overslag via pijpleidingen worden bijgeteld.

In de North Sea Port in Gent wordt de komende jaren gewerkt aan de allereerste overdekte laadkade. Deze ‘All Weather Terminal’, die wordt gebouwd op het terrein van ArcelorMittal Gent, zal hoofdzakelijk gebruikt worden om afgewerkte staalrollen van ArcelorMittal op te slaan en te verschepen. Een deel van de opslagcapaciteit kan ook worden gebruikt voor de verhandeling van andere materialen en (stuk)goederen.

Het magazijn van de All Weather Terminal (AWT) met een opslagcapaciteit van 60.000 ton wordt 240 meter lang en 60 meter breed en krijgt twee sporen die aangesloten zijn op de kadebundel. Het magazijn wordt uitgerust met drie volledig geautomatiseerde loopkranen voor het lossen, uitsorteren en laden van materiaal. De overdekte kademuur wordt 200 meter lang en het dok wordt 25 meter breed. De terminal zal ongeveer 30 meter boven het waterniveau uitstijgen. Schepen met een laadvermogen tot 10.000 ton kunnen aan de nieuwe kade aanmeren.

Efficiëntere logistiek

Momenteel kan het laden van hoogwaardig staal enkel bij droog weer gebeuren, terwijl dit straks 24/7 kan gebeuren, onafhankelijk van de weersomstandigheden. De AWT maakt het mogelijk om de aanvoer van rollen vanuit de verzendhallen van ArcelorMittal Gent naar de kade beter te spreiden en zo de interne logistieke werking te optimaliseren. Ook kunnen de verschillende goederenstromen nog efficiënter worden gebundeld waardoor bedrijven meer logistieke mogelijkheden krijgen. Verder is de AWT ook een investering in duurzaamheid omdat de grotere verzendcapaciteit per schip een aanzienlijk aantal vrachtwagentransporten (tot 25.000 vrachtwagens per jaar) uitspaart.

Partners bouw terminal

De nieuwe terminal zal eigendom zijn van AWT Gent NV dat werd opgericht door PMV en EPICo. AWT Gent zal instaan voor het ontwerp, de bouw, de financiering, het onderhoud en de uitbating van de Terminal. AWT Gent vertrouwt Euroports, als logistieke maritieme speler, de operationele invulling toe voor de flows van, naar en binnen de AWT. ArcelorMittal Gent, Participatiemaatschappij Vlaanderen (PMV), Euroports en North Sea Port werken samen aan de realisatie van de terminal. Stadsbader, aannemer voor infrastructuurwerkzaamheden en grote industriële projecten, verzorgt de bouw en het onderhoud.

Het gaat om een investering van meer dan 50 miljoen euro. Naar verwachting wordt eind 2018 gestart met de bouw en is de ‘All Weather Terminal’ operationeel tegen midden 2020.

Alpha Terminals bouwt een nieuwe terminal voor vloeibare bulk in het havengebied van North Sea Port in Vlissingen. De terminal is goed voor een extra aanvoer van vijf tot zeven miljoen ton vloeibare bulk per jaar. De investering bedraagt zo’n 250 miljoen euro.

Er komen 34 tanks in de terminal met een opslagcapaciteit van vijfhonderdduizend kubieke meter. In deze tanks kunnen diverse soorten vloeibare bulk worden opgeslagen, variërend van chemicaliën en oliën tot energiedragers van de toekomst, zoals ammoniak.

Naast de terminal bouwt het bedrijf een steiger voor het tegelijk lossen en laden van diverse zeeschepen en binnenvaartschepen. De terminal komt aan de monding van de Sloehaven. Het bedrijfsterrein heeft een oppervlakte van ruim acht hectare.

In 2020 operationeel

Dit jaar worden de nodige vergunningen aangevraagd. De verwachting is dat tegen 2019 de bouwwerkzaamheden van start gaan. Die nemen vermoedelijk twee jaar in beslag. In 2020 is de terminal dan operationeel. Voor de realisatie van de terminal wordt een samenwerking aangegaan tussen Alpha Terminals, North Sea Port en een Zwitserse investeerder.

Momenteel neemt vloeibare bulk een derde van de overslag via zeevaart in. Met deze nieuwe terminal hoopt North Sea Port haar positie in de sector van de vloeibare bulk te vergroten.

De fusieovereenkomst tussen Zeeland Seaports en het Havenbedrijf Gent is vrijdag officieel getekend. Alle acht aandeelhouders van beide havens stemden tijdens de afgelopen weken in met de fusie. De ondertekening vond plaats op een schip dat symbolisch vanuit Gent over de Nederlandse grens richting Terneuzen voer. De naam van de grensoverschrijdende fusiehaven wordt North Sea Port. Deze fusiehaven staat voor het 60 kilometer lange grensoverschrijdende havengebied van Vlissingen, Borsele en Terneuzen in Nederland tot Gent in België.

Geert Bourgeois, Vlaams minister-president: ‘De fusie van het Havenbedrijf Gent met Zeeland Seaports tot North Sea Port is van ongemeen grote betekenis. Door kennis, netwerken en middelen samen te leggen, versterken wij samen, vanuit het hart van Europa, onze economische positie binnen de Benelux, binnen West-Europa en het Noordzeegebied, binnen de Europese Unie én daarbuiten. Samen. Maar ook slimmer. De nieuwe haven is ambitieus en zet volop in op innovatie en vernieuwend ondernemen en kijkt hiermee vol vertrouwen de toekomst tegemoet. North Sea Port zal een enorme stimulans zijn voor de economie van Vlaanderen en Nederland.’

Europese top 10

North Sea Port positioneert zich meteen in de Europese top van zeehavens. Ze is de nummer drie in toegevoegde waarde en de nummer tien in goederenoverslag. Tegen 2022 wil North Sea Port een vooraanstaand merk in de internationale havenwereld zijn. Ze wil dan de toegevoegde waarde met tien procent laten groeien, de overslag via zeevaart laten toenemen tot 70 miljoen ton (nu 62 miljoen ton) en die via binnenvaart tot 60 miljoen ton (nu 55 miljoen ton). Er wordt verwacht dat de werkgelegenheid toeneemt tot 100.000 arbeidsplaatsen (direct en indirect, nu afgerond 97.000). North Sea Port beschikt over haast 1.000 hectare uitgeefbare gronden.

Abonnees van Petrochem kunnen hier een interview lezen met de Gentse havendirecteur Daan Schalck over de fusie.